IFAW is gaan samenwerken met Syracuse University om meer te weten te komen over de bewegingen en het gedrag van twee bedreigde walvissoorten: noordkapers en noordse vinvissen. Dit meerjarige project wordt gefinancierd door Allen Family Philanthropies.
Het project gebruikt innovatief onderzoek om de inspanningen voor het behoud van deze walvissen te ondersteunen. Door inzicht te krijgen in het migratiegedrag van walvissen, kunnen we managementbeslissingen nemen die walvissen beter beschermen terwijl ze door de oceaan trekken.
Afgelopen lente hebben dr. Dana Cusano en haar team drie weken lang onderzoek gedaan in de wateren van Cape Cod Bay, in het noordoosten van de Verenigde Staten. Ze hebben noordkapers en noordse vinvissen gezenderd, en watermonsters genomen om meer inzicht te krijgen in de verspreiding van hun prooi. Zo kunnen we beter begrijpen waar de walvissen naartoe trekken en waarom.
Hier direct boven staat een (Engelstalige) video. Mocht je deze niet kunnen zien, accepteer dan de cookies op onze website of bekijk de video op YouTube.
Waarom Cape Cod Bay?
De baai van Cape Cod is in het voorjaar een belangrijk voedselgebied voor de ernstig bedreigde noordkapers. Elk jaar wordt daar tot wel tweederde van de populatie waargenomen. Na deze periode trekken de walvissen langs de kust naar het noorden. In de zomer en herfst leven ze in voedselgebieden in Canada.
Noordse vinvissen voeden zich met dezelfde prooidieren net buiten de baai van Cape Cod, en soms ook in de baai zelf. Over hun gedrag en bewegingen is veel minder bekend dan over de noordkapers.
Voor beide soorten is het niet heel duidelijk wat er gebeurt nadat ze Cape Cod Bay hebben verlaten. Die kennisachterstand is heel belangrijk. Net buiten de baai liggen namelijk drukke commerciële scheepvaartroutes. Daarom is het belangrijk om te weten waar de walvissen naartoe gaan, hoe lang ze daar blijven en wat ze onderweg doen.
Het roept bij wetenschappers belangrijke vragen op:
- Zwemmen noordkapers rechtstreeks naar het volgende voedselgebied, en welke route volgen ze dan?
- Waar gaan deze walvissen heen, en zwemmen ze meerdere keren per seizoen de baai in en weer uit?
- Het allerbelangrijkste: brengen deze soorten tijd door in de drukke commerciële scheepvaartroutes net buiten Cape Cod Bay?
Waarom doen we onderzoek naar de prooidieren van walvissen?
Zowel noordkapers als noordse vinvissen eten dierlijk plankton, vaak dichtbij het wateroppervlak. Als we weten waar de prooidieren zich bevinden, kunnen wetenschappers beter begrijpen waarom walvissen voor bepaalde gebieden kiezen. Uiteindelijk kunnen ze dan beter voorspellen waar de walvissen kunnen zijn.
Onderzoek toonde een verband aan tussen het gas dimethylsulfide (DMS), zoöplankton en walvissen. Met dit onderzoek konden we modellen gebruiken die voorspellen welke DMS-niveaus samenhangen met walvissen die aan het oppervlak op zoöplankton jagen.

Waarom is het aanbrengen van zenders zo belangrijk?
Alle informatie over de bewegingen van walvissen buiten Cape Cod Bay, ook in drukke scheepvaartroutes, komt van observaties vanuit vliegtuigen of schepen. Dit onderzoek levert onmisbare informatie op, maar de methode heeft wel zijn beperkingen. De teams die vanuit de lucht of vanaf een schip observeren, zijn afhankelijk van het weer en de hoeveelheid daglicht. Deze waarnemingen zijn eigenlijk maar kleine momentopnames uit het leven van een walvis, vaak van minder dan een uur.
Zenders geven wetenschappers een veel vollediger beeld. Door zenders (tags) aan walvissen te bevestigen, kunnen we gegevens verzamelen over de bewegingen van de dieren onder water. Dit kunnen we nooit vanaf een boot of vanuit de lucht waarnemen. De zenders werken urenlang en ook ’s nachts. Een zender die 30 uur actief is, laat zien hoe een dag in het leven van een walvis eruitziet.
Belangrijk is dat het plaatsen van zenders laat zien of walvissen vooral op één plek blijven, of dat ze zich in en rond de scheepvaartroutes verplaatsen. Ook zien we waar ze eten, en of ze alleen op bepaalde momenten eten of de hele dag en nacht door. Veel van wat we waarnemen, geeft nieuwe inzichten in het leven van deze walvissen. Alles wat we ontdekken is spannend en onverwacht.
Zijn alle soorten zenders hetzelfde?
Nee, er bestaan veel verschillende zenders, vaak specifiek voor het dier en het doel van het plaatsen. In tegenstelling tot een plastic label dat je bij boerderijdieren ziet, zijn de labels die in dit onderzoek worden gebruikt niet permanent. Ze dienen bovendien niet alleen ter identificatie, maar volgen de bewegingen van een individuele walvis gedurende een beperkte periode.
Het labelen van grote walvissen vereist specifieke vergunningen, instrumenten en procedures. In dit onderzoek hebben we SPLASH-labels met lijm en CATS-labels gebruikt, die door zuigkracht blijven zitten. Beide labels zijn niet-invasief en tijdelijk.
Zowel noordkapers als noordse vinvissen hebben een bedreigde status. Invasieve tags zouden onnodige risico’s vormen voor de dieren, zoals infecties op de plaats van aanbrengen. Bovendien hebben noordkapers geen rugvin, waardoor het moeilijk is om langdurige tags aan te brengen.
Door deze beperkingen kunnen de walvissoorten niet continu worden gevolgd. We kunnen het aanbrengen van tags daarom niet gebruiken als oplossing om verstrikkingen en aanvaringen met schepen te verminderen. In plaats daarvan kunnen wetenschappers de gegevens van de tags gebruiken in voorspellende modellen. Zo kunnen er beter onderbouwde beslissingen worden genomen over het behoud van deze soorten.
Elke succesvolle plaatsing van een tag voegt weer een stukje toe aan dat plaatje. Zo kunnen wetenschappers uren aan gegevens van een individuele walvis omzetten in kennis waarmee walvissen beter beschermd kunnen worden terwijl ze zich door een drukke oceaan bewegen.
Gerelateerde content
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.