Samenwerken tegen de illegale handel in wilde dieren is cruciaal
Samenwerken tegen de illegale handel in wilde dieren is cruciaal
Door Guyo Adhi, gastschrijver
Uganda is een van de landen in Afrika met de meeste biodiversiteit. Er zijn 10 nationale parken, 12 wildreservaten, bergbossen, meer dan 165 meren en de grootste populatie bedreigde berggorilla’s ter wereld. De Nijl, die hier begint, voorziet miljoenen mensen van water, tot ver buiten de landsgrenzen.

De rijke fauna en aaneengesloten landschappen van Uganda maken het land echter ook kwetsbaar voor criminaliteit op het gebied van wilde dieren. Door de kwetsbare grenzen, regionale instabiliteit en de groeiende internationale vraag naar levende wilde dieren zijn er kansen ontstaan voor smokkelnetwerken die actief zijn in Oost- en Centraal-Afrika.
De afgelopen jaren heeft IFAW, via het Room to Roam-initiatief en het CARE-project, gesponsord door het Amerikaanse Bureau of International Narcotics and Law Enforcement Affairs (INL), samengewerkt met de Ugandese autoriteiten om de strijd tegen de illegale handel in wilde dieren te versterken. De eerste resultaten wijzen erop dat deze samenwerking al een meetbaar verschil begint te maken.
Samenwerkingsverbanden helpen het tij te keren
In samenwerking met de Uganda Wildlife Authority (UWA), de Uganda Revenue Authority (URA) en andere handhavingspartners heeft IFAW zich gericht op het versterken van de capaciteit in de frontlinie door training, uitrusting en praktische ondersteuning te bieden aan functionarissen die optreden tegen wildlife-criminaliteit.
De resultaten zijn al zichtbaar. Het aantal gevallen van handel in schubdieren is met 50% gedaald, van 14 gevallen in 2024 naar 7 in 2025. Het aantal onderscheppingen van grijze kroonkraanvogels, de nationale vogel van Uganda, daalde in dezelfde periode van 12 naar slechts één.
Deze resultaten laten zien dat gerichte investeringen en sterke partnerschappen smokkelnetwerken kunnen ontwrichten en kwetsbare diersoorten beter kunnen beschermen.
Een landschap onder druk
De kern van het Ugandese model voor natuurbehoud wordt gevormd door het Conservation Area Man and Biosphere Reserve, dat zich uitstrekt langs de grens met de Democratische Republiek Congo (DRC). Er zijn maar weinig beschermde gebieden in Afrika die op deze manier werken. Er zijn elf vissersdorpen in het park, wat aantoont dat er wordt geprobeerd een evenwicht te vinden tussen natuurbehoud en het levensonderhoud van de lokale bevolking.
Het model ondersteunt het samenleven van mensen en wilde dieren, maar brengt ook uitdagingen met zich mee. Door de aanhoudende instabiliteit en het zwakke bestuur in delen van de DRC hebben illegale handelsroutes voor wilde dieren zich kunnen uitbreiden over grotendeels onbewaakte grensgebieden. Dieren die in Uganda worden gevangen, worden via regionale netwerken verhandeld voordat ze de internationale markten bereiken.

De handel in wilde dieren verandert
De handel in wilde dieren in Oost-Afrika richt zich niet langer alleen op olifanten en neushoorns. Criminele netwerken richten zich steeds vaker op kleinere diersoorten, zoals vogels, reptielen en primaten. Dit wordt grotendeels aangewakkerd door de vraag vanuit de internationale handel in huisdieren.
Grijze roodstaartpapegaaien, grijze kroonkraanvogels, Afrikaanse zeearenden en adders zijn enkele van de soorten die uit het wild worden gehaald en over de grenzen worden getransporteerd. In sommige gevallen lopen de smokkelroutes via Uganda naar Zuid-Soedan en de DRC, voordat ze de markten in Europa en Azië bereiken.
Volgens Global Financial Integrity levert de handel in wilde dieren jaarlijks tot wel US$ 23 miljard aan illegale geldstromen op.
Voor veel diersoorten bestaan er internationale wettelijke beschermingsmaatregelen. Grijze roodstaartpapegaaien staan bijvoorbeeld vermeld in Bijlage I van CITES, wat de internationale handel in in het wild gevangen papegaaien verbiedt. Toch blijven smokkelnetwerken misbruik maken van tekortkomingen in de handhaving en in de naleving van de regels in bepaalde regio’s. Zuid-Soedan is bijvoorbeeld geen lid van CITES.
Grenssteden zoals Ishasha en Mpondwe op de grens tussen Uganda en de DRC zijn belangrijke doorvoerpunten geworden. Dit maakt duidelijk hoe moeilijk het is om wetten voor wilde dieren te handhaven over grenzen heen en in aaneengesloten landschappen.
Wanneer geredde dieren bewijsmateriaal worden
Nu de handel in levende dieren is toegenomen, staan handhavingsinstanties voor een heel andere uitdaging.
Dieren worden vaak in zakken of dozen vervoerd en verborgen in voertuigen die de grens met buurlanden oversteken. Bij inbeslagnames hebben agenten soms maar enkele minuten om gewonde, gestresste of weglopende dieren veilig in beslag te nemen.
Uganda had voorheen geen standaardprocedures voor het omgaan met inbeslagnames van levende wilde dieren. De middelen waren beperkt, de opleidingen waren niet consistent, en in beslag genomen dieren raakten soms zoek voordat ze goed konden worden geregistreerd of opgevangen.
“Je raakt de dieren al kwijt in de eerste 5 tot 10 minuten,” zegt Moses Olinga, IFAW-programmamanager voor Uganda en de Hoorn van Afrika. “Slecht omgaan met de dieren verzwakt de zaak en verkleint de kans op een veroordeling. Het zorgt ook voor verspreiding van ziektes, vooral zoönosen.”
Om deze tekortkomingen aan te pakken, heeft de samenwerking tussen IFAW en INL gerichte trainingen verzorgd voor meer dan 50 wetshandhavers, waaronder dierenartsen die verantwoordelijk zijn voor het beoordelen en rehabiliteren van in beslag genomen wilde dieren. Het programma heeft ook 85 inbeslagnamekits en speciaal ontworpen kooien geleverd om de veilige omgang met en het transport van geredde dieren te verbeteren.

De wetshandhaving versterken
De operationele verbeteringen worden momenteel versterkt door middel van wetshervormingen.
Tijdens het CARE-project werkte IFAW samen met partners, waaronder Legal Atlas, om tekortkomingen in de Ugandese wetgeving te analyseren. Deze hadden betrekking op het omgaan met levende dieren als bewijsmateriaal, overwegingen op het gebied van dierenwelzijn, en het vrijlaten van in beslag genomen wilde dieren.
De aanbevelingen die hieruit voortkwamen, zijn bedoeld om de samenhang tussen handhaving, dierenwelzijn en vervolging te versterken. Zo worden gevallen van illegale handel niet alleen onderschept, maar ook succesvol afgerond in de rechtbank.
Vooruitgang om op voort te bouwen
Uganda staat nog steeds voor grote uitdagingen. Kwetsbare grenzen, regionale onveiligheid en aanhoudende internationale vraag naar wilde dieren blijven de illegale handel in de regio aanwakkeren.
Handhavingsinstanties en natuurbeschermingsorganisaties beginnen echter steeds nauwer samen te werken over de grenzen heen. Ze verbeteren de coördinatie, versterken de vervolging, en helpen kwetsbare diersoorten te beschermen.
Wat in Uganda tot stand komt, is een meer samenhangend model voor natuurbehoud; een model dat erkent dat criminaliteit tegen wilde dieren niet kan worden aangepakt door één enkele organisatie of één enkel land dat op zichzelf opereert. Het erkent ook dat lokale gemeenschappen centraal moeten blijven staan in de inspanningen voor natuurbehoud.
Als deze vooruitgang doorzet, zou Uganda een belangrijk model kunnen bieden voor de aanpak van criminaliteit tegen wilde dieren in onderling verbonden landschappen, waarbij dieren worden beschermd en tegelijkertijd de gemeenschappen die naast hen leven worden ondersteund.
Gerelateerde content
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.