Door Peter Borchert, schrijver en natuurbeschermer
De olifanten in Afrika staan op een kruispunt. In sommige gebieden zijn ze bijna uitgestorven, terwijl in andere gebieden hun groeiende aantal druk legt op kwetsbare ecosystemen en het geduld van plattelandsgemeenschappen op de proef stelt.
Als natuurbeschermers oplossingen bespreken, komen er vaak grote meningsverschillen naar boven – discussies over wat ‘te veel’ of ‘te weinig’ is, en of het afschieten van dieren ooit een optie zou kunnen zijn.
Onder al deze tegenstrijdige werkelijkheden schuilt echter één gemeenschappelijke waarheid: het echte probleem met olifanten gaat niet over aantallen, maar over ruimte – en hoe de mensheid ervoor kiest om die te delen.

Er zijn maar weinig dieren die zo'n sterke emotionele reactie oproepen als olifanten. Onze band met deze dieren gaat al duizenden jaren terug. Er zijn maar weinig dieren die zo'n sterke emotionele reactie oproepen als olifanten. Onze band met ze gaat al duizenden jaren terug. We zijn van ze onder de indruk, houden van ze, en voelen steeds meer dat we ze moeten beschermen. Er moet iets gebeuren, vooral voor de mensen die land, water en andere hulpbronnen met ze delen.
In veel opzichten laten de problemen waar olifanten mee te maken hebben zien hoe we met de natuur omgaan: onze successen en mislukkingen in het beschermen van olifanten laten zien hoe onze relatie met de natuur verandert.
Gesprekken over het beheer van olifanten zijn vaak gepolariseerd. Zijn er te weinig olifanten, of juist te veel? Zijn ze slachtoffers of ingenieurs van ecosystemen? Hebben ze strengere bescherming nodig, of juist actiever beheer? Deze discussies, vaak gepresenteerd als het ‘olifantenprobleem’, maken de zaken vaak onduidelijker in plaats van duidelijker. Als we verder kijken dan de cijfers en ons in plaats daarvan richten op de ruimte – waar olifanten leven, rondtrekken en zich aanpassen – komen er oplossingen naar voren.
Een verhaal met twee werkelijkheden
Door heel Afrika hebben olifanten heel verschillende toekomstperspectieven, afhankelijk van waar ze wonen. In delen van West-, Centraal- en Oost-Afrika blijven de populaties instorten door het verlies van leefgebied, stroperij en aantasting van hun leefomgeving. Op andere plekken, in delen van Oost-Afrika en in een groot deel van zuidelijk Afrika, hebben strenge beschermingsmaatregelen en tientallen jaren inzet ervoor gezorgd dat de populaties zich hebben hersteld.
Dit herstel laat iets belangrijks zien: als olifanten veilig zijn en genoeg ruimte hebben, doen ze het goed. Het toont ook een nog dieper inzicht: olifanten zijn niet alleen grote planteneters, ze zijn ook echt bouwers van ecosystemen. Zoals Jason Bell, Executive Vice President van IFAW, zegt:
"Olifanten spelen een cruciale rol in het vormgeven van hun omgeving, ze verbeteren de biodiversiteit en helpen bij het tegengaan van klimaatverandering. Het is cruciaal dat ze blijven bestaan. IFAW's Room to Roam-initiatief – een veelzijdige aanpak voor het behoud van olifanten en andere wilde dieren – heeft als doel om uitgestrekte, verbonden landschappen te creëren en te beschermen waar olifanten en mensen vreedzaam met elkaar kunnen samenleven.“
Dit perspectief laat zien waarom het zogenaamde ‘olifantenprobleem’ niet alleen om aantallen gaat. In omheinde of versnipperde landschappen kunnen groeiende populaties ecosystemen onder druk zetten, de bossen uitdunnen en conflicten met gemeenschappen vergroten. Maar in gebieden waar ze zich vrij kunnen bewegen en ecosystemen niet worden aangetast, creëren olifanten actief ruimte en kansen voor andere soorten om te gedijen.
Door olifanten te zien als belangrijke bijdragers aan ecologische veerkracht – en niet alleen als dieren die geteld of gecontroleerd moeten worden – kunnen we inzien dat de echte uitdaging ligt in het herstellen van de ruimte, verbinding en bewegingsvrijheid die ze nodig hebben om hun ecologische rol te vervullen. Dit is precies wat initiatieven als Room to Roam willen bereiken.
Het echte probleem definiëren
Discussies over het aantal olifanten verbergen vaak het grotere probleem: het verlies en de versnippering van leefgebied. Aantallen zijn maar een symptoom. De oorzaak is de leefruimte.
Natuurbehoud gaat niet over het berekenen van de ideale populatie. Het gaat om veerkracht: het vermogen van wilde dieren om zich aan te passen, te verplaatsen en te herstellen binnen gezonde, verbonden ecosystemen.

De grenzen van beschermde gebieden
Beschermde gebieden blijven belangrijk, maar veel zijn te klein, te geïsoleerd of worden niet genoeg gefinancierd om olifanten op de lange termijn te ondersteunen. Zonder de vrijheid om zich te verplaatsen tussen reservaten en aangrenzende gemeenschapsgebieden, worden olifanten opgesloten in ecologische ‘mega-dierentuinen’, waar ze alleen kunnen overleven door kunstmatig beheer.
Zoals Dr. Rob Guldemond van de Universiteit van Pretoria opmerkt: “Olifanten de vrijheid geven om zelf te beslissen of ze beschermde gebieden binnenkomen of verlaten, is cruciaal voor het voortbestaan van deze charismatische diersoort en voor het behoud van de diversiteit van het leven dat ze met ons delen.”
Ruimte betekent diversiteit
Grote, aaneengesloten landschappen stellen wilde dieren in staat om natuurlijke seizoenspecifieke patronen te volgen. Het vermindert de druk op lokale leefgebieden, en zorgt voor balans in de natuur. Het uitbreiden en veiligstellen van deze ruimte is echter alleen mogelijk met investeringen, politieke wil en samenwerking met lokale gemeenschappen.
Het dilemma van omheiningen
Geen enkel onderwerp verdeelt natuurbeschermers zo sterk als omheiningen. Hoewel omheiningen conflicten kunnen verminderen en gewassen kunnen beschermen, versnipperen ze ook leefgebieden en verstoren ze migraties van dieren. Voorbeelden uit Botswana en Zuid-Afrika laten zien dat het beperken van de bewegingsvrijheid van olifanten grote ecologische kosten met zich meebrengt.
Een nieuwe kijk op beheer
Moderne wetenschap laat zien dat de impact van olifanten op de vegetatie net zo goed wordt bepaald door de beschikbaarheid van water, de indeling van hun leefgebied en de druk op het landgebruik als door de grootte van de populatie.
Het beheren van ruimte – niet van aantallen – is een duurzamere methode. Strategieën zoals het aanpassen van de waterverspreiding of het opnieuw verbinden van versnipperde reservaten bevorderen natuurlijke migraties en geven landschappen de tijd om te herstellen.
De belofte van 'megaparken'
Grensoverschrijdende beschermde gebieden (Transfrontier Conservation Areas, TFCAs) – of ‘megaparken’ – bieden enorme mogelijkheden. Door ecologische landschappen over nationale grenzen heen weer met elkaar te verbinden, herstellen TFCAs natuurlijke processen, verminderen ze de druk op lokale populaties en delen ze de voordelen van natuurbehoud met verschillende gemeenschappen.
Zoals Dr. Guldemond uitlegt: “Het Room to Roam-initiatief van IFAW biedt mogelijkheden voor het verspreiden van een belangrijk ecologisch proces om het aantal olifanten en de populatiegroei te stabiliseren.”
Een nieuwe visie op natuurbehoud
Uiteindelijk hangt de toekomst van olifanten – en van de biodiversiteit in heel Afrika – af van het herstellen van bewegingsvrijheid, verbondenheid en co-existentie. Als je alleen maar kijkt naar aantallen, zie je de grotere waarheid over het hoofd: het voortbestaan van ons mensen en dat van olifanten zijn met elkaar verbonden.
Door inspanningen voor natuurbehoud op een grotere schaal te bekijken, waarbij landschappen met elkaar zijn verbonden, kan Afrika versnipperde reservaten weer veranderen in bloeiende ecosystemen.
Opmerking van de auteur:
Dit artikel is grotendeels gebaseerd op het onderzoek van de overleden professor Rudi van Aarde en zijn collega's van de Conservation Ecology Research Unit van de Universiteit van Pretoria. IFAW heeft dit cruciale wetenschappelijke onderzoek gesteund, dat de basis vormt voor ons ambitieuze Room to Roam-initiatief. Dit is een grootschalig project om leefgebieden in Oost- en Zuidelijk Afrika te beschermen, met elkaar te verbinden en veilig te stellen, zodat olifanten en mensen in balans met elkaar samen kunnen leven.
Op basis van twintig jaar onderzoek en samenwerking met lokale gemeenschappen wil Room to Roam de weerbaarheid van ecosystemen herstellen, de biodiversiteit versterken en zorgen voor een toekomst waarin wilde dieren de vrijheid en ruimte hebben die ze nodig hebben.
Gerelateerde content
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.