Illegale handel in bushmeat bedreigt wilde dieren in Oost-Afrika
Illegale handel in bushmeat bedreigt wilde dieren in Oost-Afrika
De rook krult op van de barbecuekraampjes langs de weg buiten Nairobi, terwijl klanten massaal om de borden met sissende nyama choma staan. Voor veel gasten ziet het vlees eruit als standaard gegrild rund- of geitenvlees.
De Keniaanse autoriteiten op het gebied van wilde dieren waarschuwen echter dat steeds meer vlees dat op informele markten wordt verkocht, afkomstig is van giraffen, zebra’s, antilopen en andere wilde dieren die illegaal zijn gestroopt in beschermde gebieden honderden kilometers verderop.

Een groeiende handel
Natuurbeschermers zeggen dat de illegale handel in bushmeat zich in hoog tempo ontwikkelt tot een van de grootste bedreigingen voor wilde dieren, de volksgezondheid en de veiligheid in Oost-Afrika. Deze ontwikkeling wordt aangewakkerd door georganiseerde smokkelnetwerken en de groeiende vraag naar wildvlees in de steden.
Eerder dit jaar arresteerden agenten van Kenya Wildlife Service (KWS) vier verdachten nadat ze in Nairobi zo’n twee ton vlees in beslag hadden genomen dat vermoedelijk van zebra’s afkomstig was. Dit was een van de grootste inbeslagnames van bushmeat in het land in de afgelopen jaren.
Een aantal weken later werden zes verdachten gearresteerd in Garissa County nadat agenten een voertuig hadden onderschept met daarin vermoedelijk giraffevlees, een giraffenkop en een AK-47-geweer. Volgens rechercheurs was dit een op inlichtingen gebaseerde operatie gericht tegen een gewapende stroperijbende.
Bij een andere operatie hebben natuurbeschermers motoren onderschept die bushmeat vervoerden door het Tsavo-natuurgebied, een omvangrijk ecosysteem dat zich uitstrekt tot aan de grens met Tanzania. Volgens KWS zijn binnen twee maanden zeven verdachten gearresteerd en bijna 300 kilo bushmeat in beslag genomen in verschillende wildcorridors en veeteeltgebieden. Professor Erustus Kanga, directeur-generaal van KWS, zegt dat de illegale handel niet langer uitsluitend een kwestie van natuurbehoud is.
“We zien een nieuwe en zeer verontrustende vorm van stroperij ontstaan door de illegale handel in bushmeat,” zegt Kanga. “Dit is niet langer alleen een kwestie van natuurbehoud. Het is inmiddels een groot probleem voor de volksgezondheid, waarbij georganiseerde criminele netwerken inspelen op de lokale en regionale vraag.”
Een veranderende markt
Jarenlang werd de jacht voor bushmeat in delen van Afrika vooral gezien als een manier om in het levensonderhoud te voorzien voor plattelandsgemeenschappen die met voedselonzekerheid te maken hadden. Natuurbeschermers zeggen dat de handel steeds meer is verschoven naar commerciële ondernemingen die leveren aan stedelijke consumenten, informele vleesmarkten en restaurants. Volgens schattingen van natuurbeschermingsorganisaties wordt er jaarlijks miljoenen tonnen bushmeat geconsumeerd in Oost- en Centraal-Afrika. Elk jaar komen enorme hoeveelheden op stedelijke markten terecht.
“We zien een verschuiving van consumptie voor eigen gebruik naar commerciële handel,” zegt Moses Olinga, programmamanager Uganda bij IFAW. “Oorspronkelijk dachten we dat de handel in bushmeat vooral bedoeld was voor eigen consumptie. Nu is het echter verschoven van stroperij voor eigen gebruik naar commerciële stroperij.”
Olinga zegt dat smokkelaars steeds vaker gebruikmaken van georganiseerde distributienetwerken die zich uitstrekken van beschermde natuurgebieden tot grote steden. “Er is vaak een kopstuk die mensen inhuurt om bijvoorbeeld een nijlpaard te doden”, zegt hij. “Hij huurt ook motoren en auto’s om het te vervoeren, en verkoopt het vlees vervolgens met winst.”
Experts in wilde dieren waarschuwen dat soorten die vroeger nauwelijks voor hun vlees werden bejaagd, nu steeds meer onder druk staan, met name giraffen, zebra’s en grote antilopen. Samuel Mutua, senior programmamedewerker Wildlife Crime bij IFAW, zegt dat het stropen van giraffen steeds vaker voorkomt langs de grens tussen Kenia en Tanzania.
“In Kenia hoorden we vroeger nooit iets over stroperij van giraffen,” zegt Mutua. “Maar het is nu een veelvoorkomend probleem rond Amboseli en de grens tussen Kenia en Tanzania.” Hij voegt eraan toe: “Als ze op giraffen jagen, laten ze ook andere wilde dieren niet met rust. Je ziet ze ook impala’s en andere diersoorten vervoeren.”
Kanga zegt dat de giraffepopulaties in delen van Noord-Kenia al zwaar zijn getroffen door de illegale handel.

Dickson Kaelo, directeur van de Kenya Wildlife Conservancies Association, zegt dat armoede en onveiligheid de aanjagers zijn van stroperij in afgelegen natuurgebieden, waar lokale gemeenschappen vaak geen economische alternatieven hebben.
"In het noorden van Kenia trekken Somalische giraffen steeds vaker door onveilige gebieden waar illegaal wapenbezit veel voorkomt en waar veel grensoverschrijdende handel in bushmeat plaatsvindt, zegt Kaelo. “De trieste realiteit is dat mensen die wilde dieren beschermen vaak veel minder verdienen dan degenen die dieren uitbuiten."
Een gevaar voor de volksgezondheid
Natuurbeschermers waarschuwen dat de handel niet alleen een bedreiging vormt voor wilde dieren, maar ook ernstige risico's voor de volksgezondheid met zich meebrengt. Illegaal verkregen bushmeat ontloopt namelijk veterinaire controles en maatregelen voor voedselveiligheid.
De autoriteiten vrezen dat illegaal geslacht vlees van wilde dieren steeds vaker terechtkomt in scholen, restaurants en de algemene voedselketen. Bushmeat wordt al lang in verband gebracht met het risico op zoönosen, zoals miltvuur, ebola en andere ziektes die tussen dieren en mensen worden overgedragen door het aanraken of eten van besmet vlees.
“Deze illegale handelaren mixen opzettelijk bushmeat met gecontroleerd vlees om zo de toeleveringsketen binnen te dringen”, zegt Kanga. “Het meeste van dit vlees wordt onder onhygiënische omstandigheden verwerkt, waardoor consumenten direct worden blootgesteld aan gevaarlijke zoönotische infecties.”
Onder de straf uit
Natuurbeschermers waarschuwen ook dat zwakke handhaving en kwetsbare gerechtelijke systemen de inspanningen om de handel in wilde dieren te stoppen blijven ondermijnen. Eerder dit jaar kwamen twee mannen die in het Keniaanse Taita Taveta County waren veroordeeld voor de handel in dikdikvlees, vrij na hoger beroep. De rechtbank oordeelde namelijk dat het bewijs in de zaak op onrechtmatige wijze was verkregen.
Olinga zegt dat vertragingen, corruptie en gebrekkig onderzoek ervoor zorgen dat smokkelaars vaak aan vervolging kunnen ontsnappen. “Zodra zaken vertraging oplopen, maken verdachten van die tijd gebruik om smeergeld te betalen” zegt hij.
Werken aan de oplossing
Voor IFAW maakt de toenemende crisis de noodzaak van ons initiatief Room to Roam nog duidelijker. Dit initiatief heeft als doel de leefgebieden van wilde dieren in Oost- en Zuidelijk Afrika weer met elkaar te verbinden, terwijl we de bestrijding van wildlife-criminaliteit versterken en gemeenschappen ondersteunen die naast wilde dieren leven.
Hoewel autoriteiten dankzij nieuwe forensische middelen steeds beter bushmeat van vlees van gedomesticeerde dieren kunnen onderscheiden, waarschuwen natuurbeschermers dat de handel sneller blijft groeien dan de wetshandhaving kan bijhouden. Dit wordt aangewakkerd door armoede in de landelijke gebieden waar het vlees vandaan komt en de toenemende vraag van rijkere stedelijke consumenten die op zoek zijn naar vlees van wilde dieren.
“Alles in de natuur is met elkaar verbonden,” zegt Mutua. “Als de vraag in de stad stroperij in de savannes aanwakkert, blijft de schade niet beperkt tot één soort. Het verzwakt hele ecosystemen.” Natuurbeschermers zeggen dat het beschermen van wilde dieren tegen de illegale bushmeat-handel meer vereist dan alleen arrestaties en handhaving.
Langetermijnoplossingen zijn nodig en moeten ook betere bescherming bieden voor verbonden leefgebieden, meer investeren in landelijke gemeenschappen, en zorgen voor blijvende samenwerking over de grenzen heen om de wildlifecriminaliteit terug te dringen, voordat soorten helemaal uit het landschap verdwijnen.
Gerelateerde content
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.