Orang-oetans, schubdieren en andere wilde dieren slachtoffer van natuurbranden in Indonesië
Orang-oetans, schubdieren en andere wilde dieren slachtoffer van natuurbranden in Indonesië
De enorme impact voor wilde dieren zoals schubdieren
18 september 2026
Intussen zijn de natuurbranden in Indonesië al een aantal weken aan de gang. Teams trekken door de verbrande en aangetaste gebieden, en zien steeds duidelijker hoeveel verschillende diersoorten zijn getroffen.
Nieuwe veldrapportages van het door IFAW gesteunde Conservation Action Network Indonesia (CAN) tonen dit aan. De teams redden niet alleen Borneose orang-oetans, maar ook Javaanse schubdieren en krabbenetende makaken. Onder de 17 geregistreerde wilde dieren zijn 8 Javaanse schubdieren, 6 orang-oetans en 3 krabbenetende makaken.

Ook op andere plekken in West-Kalimantan wordt steeds duidelijker hoe groot de impact op verschillende diersoorten is.
IFAW's partner YIARI meldt dat er – in samenwerking met het Ministerie van Bosbouw en het West-Kalimantan Natural Resources Conservation Agency – tot nu toe 31 wilde dieren zijn geëvacueerd uit de branden in Ketapang en Kayong Utara. Het gaat om 19 orang-oetans en 12 andere wilde dieren: 7 schubdieren, 2 neusapen, een brillangoer, een lori Nycticebus borneanus en een Maleise civetkat.
De reddingsacties laten zien dat de crisis veel verder reikt dan één enkele diersoort. Droogte en brand kunnen het voedsel, water, de schuilplaatsen en de verbonden leefgebieden wegnemen die dieren nodig hebben om te overleven. Dieren die kunnen ontsnappen, moeten hun toevlucht zoeken in de overgebleven bossen, plantages, tuinen en gebieden dichter bij mensen.

Pangolins getroffen door de branden
Het onderzoek laat zien dat de situatie voor Javaanse schubdieren bijzonder zorgwekkend is. CAN meldt dat ze tijdens hun reddingsacties 8 pangolins hebben gered. Ze zijn ook schubdieren tegengekomen die het niet hebben overleefd in de verbrande of aangetaste gebieden.
Pangolins zijn in het wild vaak heel moeilijk te ontdekken. Het zijn vooral nachtdieren die solitair leven, en ze brengen veel tijd door op de grond of in holen en andere beschutte plekken. Als er brand door hun leefgebied trekt, is vluchten niet altijd mogelijk.
Voor de dieren die levend worden gevonden, is hun redding nog maar het begin. CAN controleert de geredde dieren om te bepalen wat elk dier nodig heeft. Dat kan medische zorg, rehabilitatie, monitoring of herplaatsing naar een geschikte leefomgeving zijn.
Een dier is pas klaar om terug te keren naar het wild als zowel zijn eigen welzijn als de veiligheid van de nieuwe leefomgeving zijn beoordeeld.

Wat de teams ter plaatse aantreffen
CAN en partnerteams hebben inmiddels bluswerkzaamheden uitgevoerd op 211 brandhaarden verspreid over Kalimantan. 51 van deze brandhaarden lagen in beschermd bos of belangrijk leefgebied van orang-oetans. Bij deze inzet waren 43 professionele brandweerlieden en 173 vrijwilligers uit de gemeenschap betrokken.
Terwijl die teams door de getroffen gebieden trekken, noteren ze ook welke wilde dieren ze tegenkomen. Naast schubdieren, orang-oetans en makaken zijn er in de verbrande of door brand aangetaste gebieden ook slangen, varanen, vogels, herten en dwergherten gevonden.
Helaas kunnen niet alle dieren worden gered. CAN-teams hebben tijdens hun veldoperaties 137 wilde dieren dood aangetroffen. Dit waren 87 slangen, 23 varanen, 14 Javaanse schubdieren, 8 vogels, 3 krabbenetende makaken, 1 hert en 1 dwerghert. Het gaat hier alleen om dieren die de veldteams daadwerkelijk hebben aangetroffen. Dit is geen schatting van het totale aantal dode dieren op heel Kalimantan.
Dat verschil is belangrijk. Dieren die door brand zijn getroffen, zijn moeilijk te vinden. Bovendien blijven de gevolgen voor dieren nog lang nadat de vlammen zijn gedoofd. Door de verbrande vegetatie hebben overlevende dieren soms niet genoeg voedsel of beschutting. Door de droogte worden water en andere hulpbronnen ook nog eens schaarser.

Reddingsacties gaan door, ook als de vlammen zijn gedoofd
Een reddingsactie van een orang-oetan die is gedeeld door CAN, laat zien wat die langdurige gevolgen zijn.
Een moeder en haar baby werden gevonden in een versnipperd bosgebied in Oost-Kalimantan. Ze waren in slechte gezondheid door ondervoeding, omdat de droogte hun toegang tot voedsel en water had beperkt. Ook was er vlakbij een natuurbrand uitgebroken. De apen zijn voor verzorging naar het Long Sam Wildlife Rehabilitation Centre gebracht en het gaat inmiddels beter met ze.
Hun verhaal maakt duidelijk waarom de rampenrespons bij een natuurbrand niet stopt als de vlammen eenmaal zijn gedoofd. Dieren die het hebben overleefd, kunnen nog steeds last krijgen van honger, uitdroging, verwondingen, ontheemding en het verlies van het leefgebied dat ze nodig hebben om te herstellen.
Dankzij de steun van IFAW kan CAN doorgaan met het redden van wilde dieren en het verlenen van medische zorg. Daarnaast blijven ze branden blussen en de situatie in de gaten houden.
De teams hebben brandstof en vervoer nodig om afgelegen plekken te bereiken, en pompen en slangen om water aan te voeren. Ook hebben ze beschermende en medische uitrusting nodig voor de hulpverleners, en medische benodigdheden om dieren te behandelen die door de noodsituatie zijn getroffen.

Wilde dieren en lokale gemeenschappen delen het veranderende landschap
De branden en de aanhoudende droogte hebben ook gevolgen voor de gemeenschappen die naast de wilde dieren leven.
CAN heeft schoon water geleverd aan tien dorpen die door de droogte zijn getroffen. Ook hebben ze voedsel en essentiële benodigdheden verstrekt aan 173 gezinnen waarvan de tuinen zijn afgebrand of de oogst is mislukt. Vijf gezinnen van wie de huizen zijn afgebrand, hebben tijdelijke opvang gekregen. Daarnaast ondersteunt CAN de brandweerteams met medische apparatuur, medicijnen, vervoer en logistieke hulp.
De lokale inwoners spelen een centrale rol bij het bestrijden van de natuurbranden. Ze helpen nieuwe branden op te sporen, en toegangswegen en waterbronnen te vinden. Ook zorgen ze ervoor dat de bluswerkzaamheden dagenlang kunnen doorgaan. Hun kennis van deze gebieden helpt bij het beschermen van bossen waarvan zowel mensen als wilde dieren afhankelijk zijn.
In West-Kalimantan zetten teams van YIARI samen met partners ook 24 uur per dag brandpatrouilles voort. Ze houden de ontwikkeling van de branden en mogelijke brandhaarden in de gaten. Zo kunnen ze snel reageren als de situatie verandert. IFAW ondersteunt de bredere brandmonitoring en -bestrijding van YIARI.
Terwijl de brandbestrijding doorgaat, zal het even duren voordat we de volledige impact op de wilde dieren kunnen overzien. Wat de hulpverleners nu al wel zien, maakt één ding duidelijk: het beschermen van deze bossen gaat om veel meer dan het redden van één enkele diersoort.
Van schubdieren die over de bosbodem kruipen tot orang-oetans in de boomtoppen: elk dier maakt deel uit van een ecosysteem dat onder enorme druk staat. Elke redding is een kans om dat ecosysteem te helpen om één van zijn wilde bewoners te behouden.
Nog meer leefgebied van Borneose orang-oetans in gevaar
16 september 2026
Nu de natuurbranden op het Indonesische deel van Borneo aanhouden, is steeds duidelijker wat de gevolgen zijn voor de Borneose orang-oetans. Uit een recente analyse blijkt dat zo’n 60% van het gebied dat tussen juni en augustus door branden in Kalimantan is getroffen, binnen het leefgebied van de apen ligt. De soort, die al wordt bedreigd door grootschalig verlies van leefgebied, staat nog meer onder druk.
IFAW blijft drie lokaal geleide initiatieven in Indonesië steunen: Gunung Palung Orangutan Conservation Program (GPOCP), Yayasan Inisiasi Alam Rehabilitasi Indonesia (YIARI) en Conservation Action Network Indonesia (CAN). Ze bestrijden de branden voordat er nog meer leefgebied verloren gaat, beschermen gemeenschapsbossen, en redden en rehabiliteren orang-oetans die door de noodsituatie uit hun leefgebied zijn verdreven.

Een cruciaal toevluchtsoord voor orang-oetans staat onder druk
Uit nieuwe informatie van GPOCP blijkt hoe gevaarlijk de situatie in West-Kalimantan nog steeds is.
In het dorp Pemangkat heeft een brand in slechts 10 dagen tijd meer dan 20 hectare beschermd leefgebied van orang-oetans verwoest. De vlammen bereikten een patrouillekamp van de lokale gemeenschap en verbrandden het veen eronder. De teams gaven alles om te voorkomen dat de brand zich zou uitbreiden naar de naburige gemeenschapsbossen ('Village Forests').
Andere branden hebben bossen en dorpen in het hele gebied bedreigd. Deze bossen zijn bijzonder belangrijk, omdat orang-oetans al steeds verder worden teruggedrongen naar overgebleven stukken geschikt leefgebied.
Sungai Paduan maakt deel uit van een belangrijke orang-oetan-corridor in het Mendawak-gebied. Monitoring door GPOCP toonde aan dat het aantal orang-oetans daar in drie jaar tijd meer dan verdubbelde. Dit kwam omdat het omliggende leefgebied was gekapt. Voor sommige dieren waren de bossen die nu door het vuur worden bedreigd een toevluchtsoord geworden, nadat ze elders hun leefgebied waren kwijtgeraakt.
Gemeenschappen in de frontlinie
Lokale gemeenschappen spelen een centrale rol bij de bescherming van deze bossen. Hun werk wordt echter steeds gevaarlijker. Eén lid van een Village Forest bosbeheerteam raakte gewond toen hij tijdens bluswerkzaamheden door verbrand veen zakte. Hij moest in het ziekenhuis worden behandeld.
Op een andere plek moesten vrijwillige brandweerlieden uit de gemeenschap en natuurbeschermers schuilen vanwege steeds sterkere wind en verspreiding van het vuur. Ze bleven daar totdat het weer veilig was om verder te gaan. Sommige gezinnen die het dichtst bij de branden wonen, hebben ook hun jonge kinderen en oudere familieleden ergens anders ondergebracht; weg van de steeds verder verspreidende vlammen en de gevaarlijke rook.
Veenbranden zijn bijzonder moeilijk onder controle te krijgen. Zodra het vuur het droge veen onder het oppervlak bereikt, kan het ondergronds blijven branden en opnieuw aan de oppervlakte komen. Daarom is het essentieel om de situatie voortdurend in de gaten te houden en toegang tot water te behouden.
GPOCP-teams, Village Forest management, vrijwillige brandweerlieden en rangers van nationale parken werken samen om branden op te sporen en te blussen voordat ze zich nog verder verspreiden.

De respons versterken om bossen en wilde dieren te beschermen
De voortdurende noodhulp van IFAW helpt lokale teams om in verschillende fasen van de crisis in actie te komen.
Met GPOCP zorgt deze steun ervoor dat teams in de frontlinie toegang krijgen tot water, brandslangen, brandblusapparatuur, beschermende uitrusting en andere middelen die nodig zijn om bedreigde bossen te beschermen.
YIARI en lokale partners beschermen het 7.000 hectare grote Pematang Gadung Village Forest. Daar leven naar schatting 200 Borneose orang-oetans. CAN-teams zijn bezig met het blussen van branden en het redden en rehabiliteren van wilde dieren. Ze hebben al 13 orang-oetans gered uit gevaarlijke situaties.
Deze combinatie is belangrijk. Door te voorkomen dat een brand een leefgebied binnendringt die nog niet is aangetast, voorkom je dat dieren moeten vluchten. Als orang-oetans toch in gevaar zijn, kunnen getrainde reddingsteams ingrijpen. Ze brengen dieren waar nodig naar een veiliger leefgebied. Dieren die extra zorg nodig hebben, krijgen de mogelijkheid om te herstellen.
Dit werk beschermt ook de gemeenschappen die voor hun levensonderhoud, watervoorziening en andere hulpbronnen afhankelijk zijn van deze bossen. Door middelen ter beschikking te stellen aan lokale organisaties en hulpverleners uit de gemeenschap, helpt IFAW de mensen te versterken die zich inzetten voor de bescherming van deze landschappen.

Cruciaal leefgebied beschermen terwijl de branden aanhouden
De gevolgen van dit brandseizoen reiken verder dan de vlammen zelf. Vuur kan voedselbronnen en bomen met nesten aantasten, en leefgebieden versnippereren. Orang-oetans houden daardoor minder veilige routes door de bossen over.
Voor een orang-oetan die al een keer zijn leefgebied is kwijtgeraakt, kan het beschermen van het bos waar hij zijn toevlucht heeft gevonden helpen om een nieuwe crisis te voorkomen. Voor de lokale gemeenschappen helpt het blussen van een brand om hun huizen, inkomstenbronnen, waterbronnen en bossen te beschermen. Ze hebben al jaren hard gewerkt om die bossen te behouden.
Terwijl de branden voortduren, zet IFAW zich met partners in om verder verlies van leefgebied te voorkomen. We helpen ook individuele dieren die al door de noodsituatie zijn getroffen. Door deze bossen in stand te houden, krijgen orang-oetans meer ruimte om veilig in het wild te blijven. Gemeenschappen worden bovendien weerbaarder voor steeds hevigere brandseizoenen.
IFAW breidt hulp uit bij natuurbranden op Borneo nu orang-oetans hun leefgebied verliezen
2 september 2026
Nu branden de bossen en gemeenschappen in het Indonesische deel van Borneo blijven bedreigen, breidt IFAW haar noodhulp uit met een derde subsidie om de redding en rehabilitatie van wilde dieren en de bestrijding van de branden te ondersteunen.
Langdurige droogte en omstandigheden die zijn veroorzaakt door El Niño hebben het brandgevaar vergroot. Hierdoor zijn aangetaste bossen extra kwetsbaar geworden. Naarmate de branden zich verspreiden en leefgebieden onveilig worden, kunnen wilde dieren gedwongen worden om naar onbekende gebieden te trekken en dichter bij gemeenschappen te komen. Dit vergroot de risico’s voor zowel de dieren als de mensen.
Sinds juli heeft Conservation Action Network Indonesia (CAN) 13 orang-oetans gered uit gevaarlijke situaties die verband houden met de aanhoudende crisis. 10 daarvan zijn met succes overgebracht naar een veiliger leefgebied, terwijl 3 extra zorg nodig hadden en naar het Long Sam Wildlife Rehabilitation Centre zijn gebracht voor medische behandeling.
IFAW geeft financiële noodhulp zodat CAN de branden kan blijven volgen en blussen. Tegelijkertijd redden en verzorgen ze ook wilde dieren die gewond zijn geraakt of hun leefgebied hebben moeten verlaten door deze noodsituatie.

Wilde dieren en gemeenschappen beschermen
De inzet van CAN gaat verder dan het redden van individuele dieren. Hun teams werken samen met bosbeheer om branden te blussen in gebieden die door de gemeenschap worden beheerd. Zo helpen ze niet alleen de bossen te beschermen, maar ook de inkomstenbronnen en de levensbelangrijke waterbronnen waar lokale gemeenschappen van afhankelijk zijn.
Deze lokaal geleide aanpak is extra belangrijk omdat branden het landschap ingrijpend veranderen. Orang-oetans die uit beschadigde of versnipperde bossen zijn verdreven, kunnen dichter bij boerderijen, dorpen en andere menselijke activiteiten komen op zoek naar veiligheid en voedsel. Dit kan leiden tot meer conflicten tussen mensen en wilde dieren.
Voor dieren die in gevaar zijn, kan een reddingsactie een directe kans op overleving betekenen. De 10 orang-oetans die naar veiligere bossen zijn overgebracht, laten zien dat snelle hulp echt een verschil maakt. De 3 dieren die medische zorg krijgen, laten zien waarom capaciteit voor rehabilitatie ook een essentieel onderdeel is van rampenrespons.
De steun van IFAW breidt uit terwijl de branden voortduren
Met de meest recente subsidie steunt IFAW drie lokaal geleide initiatieven tegen natuurbranden in Indonesië.
Eerdere noodsubsidies aan Yayasan Inisiasi Alam Rehabilitasi Indonesia (YIARI) en het Gunung Palung Orangutan Conservation Program (GPOCP) helpen lokale brandweerteams om cruciale leefgebieden van orang-oetans in West-Kalimantan te beschermen. Ze voorzien hen van middelen zoals brandblusapparatuur, beschermende uitrusting, brandstof, vervoer, ondersteuning van personeel en toegang tot het hoognodige water.
De extra steun aan CAN versterkt ook een ander cruciaal onderdeel van de hulpverlening: het helpt teams zowel om branden te blussen als om in actie te komen wanneer dieren gewond of ontheemd zijn geraakt.
Samen vormen deze inspanningen een breed spectrum aan hulp tijdens een natuurbrand. Van het opsporen en blussen van branden voordat er nog meer leefgebied verloren gaat, tot het redden, verzorgen en rehabiliteren van individuele dieren die erdoor zijn getroffen.

Leefgebieden beschermen voor de toekomst
Hoewel redding essentieel is tijdens een noodsituatie, zet CAN zich ook in om de omstandigheden aan te pakken die wilde dieren kwetsbaar maken. Ze herstellen versnipperde leefgebieden en zorgen voor ecologische verbindingsroutes.
Gezonde, aaneengesloten bossen geven orang-oetans en andere wilde dieren meer ruimte om zich veilig te verplaatsen, voedsel en onderdak te vinden en conflicten met mensen te vermijden. Voor lokale gemeenschappen kan het beschermen van bossen ook betekenen dat hun bestaansmiddelen en cruciale waterbronnen worden beschermd.
Terwijl de noodsituatie door de natuurbranden voortduurt, zetten onze lokale partners zich in om dieren en hun leefgebieden op verschillende manieren te beschermen. Ze houden toezicht op de branden en blussen ze, en ze redden en verzorgen individuele dieren.
Elke brand die onder controle wordt gebracht en elk dier dat in veiligheid wordt gebracht, draagt bij aan een grotere inspanning om de wilde dieren en bossen op Borneo te beschermen en de gemeenschappen die met hen samenleven.
IFAW biedt noodhulp aan partners die reageren op meerdere rampen
19 augustus 2026
Op dit moment woeden er branden in bossen en koolstofrijke veengebieden in West-Kalimantan, op het Indonesische deel van Borneo. Dit vormt een bedreiging voor lokale gemeenschappen en voor het cruciale leefgebied van de ernstig bedreigde Borneose orang-oetans en andere wilde dieren.
Vrijwillige brandweerlieden uit de lokale gemeenschappen werken onder gevaarlijke omstandigheden om de vlammen in te perken. Sommige teams hebben moeite om aan genoeg water te komen om de brandhaard te bestrijden.
Tegelijkertijd heeft een zware aardbeving met een kracht van 7,7 op de schaal van Richter het oosten van Indonesië getroffen. Dit heeft enorme schade aangericht, levens gekost en geleid tot ontheemding.
De aardbeving vond plaats terwijl IFAW al in Indonesië was om een training te geven in het voorbereid zijn op rampen, samen met onze vaste partner, het Centre for Orangutan Protection (COP). Verschillende COP-teamleden die aan de training meededen, zowel als trainers als deelnemers, hebben zich ingezet om te helpen bij de rampenrespons toen de noodsituatie uitbrak.

Deze timing laat goed zien waarom het belangrijk is om voorbereid te zijn op rampen en lokale hulpcapaciteit op te bouwen. Als zich een ramp voordoet, zijn lokale organisaties en getrainde hulpverleners vaak degenen die snel in actie kunnen komen voor dieren en gemeenschappen.
Ondertussen blijft de situatie rond de natuurbranden in West-Kalimantan nijpend. In Sungai Paduan staan drie van de vier dorpsbossen in brand en heeft het vuur de grens van het vierde bos bereikt. De vlammen zijn tot op ongeveer 300 meter van een patrouillekamp gekomen. Verderop in het gebied komen de branden steeds dichter bij huizen.
De overgebleven bossen zijn een belangrijk toevluchtsoord geworden voor orang-oetans die door eerder verlies van leefgebied zijn verdreven. Uit observaties blijkt dat hun aantal in Sungai Paduan in slechts drie jaar tijd meer dan verdubbeld is.
IFAW biedt noodhulp aan West-Kalimantan
IFAW verstrekt twee noodsubsidies om lokale partners en brandweerteams te helpen om direct in actie te komen en cruciale leefgebieden voor wilde dieren in West-Kalimantan te beschermen. Eén subsidie voor Yayasan Inisiasi Alam Rehabilitasi Indonesia (YIARI) zal de branddetectie en -bestrijding versterken in het Pematang Gadung Village Forest, een door de gemeenschap beheerd veengebied van meer dan 7.000 hectare. Hier leven naar schatting 200 Borneose orang-oetans.
Een tweede subsidie aan het Gunung Palung Orangutan Conservation Program (GPOCP) ondersteunt teams die branden bestrijden in het hele beschermde gebied, waaronder de ernstig bedreigde Village Forests van Sungai Paduan.
Bij beide hulpacties zorgt de financiering van IFAW ervoor dat lokale brandweerlieden de nodige middelen krijgen, zoals pompen en slangen, beschermende uitrusting, brandstof, transport, ondersteuning van het personeel, communicatieapparatuur en andere benodigdheden voor in het veld.
In Sungai Paduan, waar de brandbestrijding ernstig wordt belemmerd door een gebrek aan toegankelijk water, helpt de financiering ook bij het opzetten van betrouwbare waterpunten, zodat de teams de vuurlinie kunnen blijven verdedigen.
Een cruciaal toevluchtsoord voor orang-oetans wordt bedreigd
Enkele van de hevigste branden woeden in Sungai Paduan Village Forest in het Mendawak-landschap ten noorden van Gunung Palung National Park, dat deel uitmaakt van een belangrijke verbindingsroute voor orang-oetangs.
Deze bossen zijn steeds belangrijker geworden voor orang-oetans nu het omliggende leefgebied is gekapt. Uit metingen van GPOCP blijkt dat het aantal orang-oetans in Sungai Paduan in slechts drie jaar tijd meer dan verdubbeld is. Dieren die door afname van hun leefgebied zijn verdreven, zijn naar de overgebleven dorpsbossen getrokken.
Deze bossen, die voor de orang-oetans een toevluchtsoord waren geworden, worden nu bedreigd door de branden.

Wilde dieren beschermen in Pematang Gadung
Verder naar het zuiden in West-Kalimantan, in Pematang Gadung Village Forest, is er een ander initiatief gaande dat door de lokale gemeenschap wordt geleid.
Meer dan 7.000 hectare kustveengebied dat door de gemeenschap wordt beheerd, biedt een leefgebied voor naar schatting 200 Borneose orang-oetans. Er leven ook andere bedreigde diersoorten in het bos, zoals neusapen, specifieke langoeren, witbaardgibbons, Soendalandpanters en talloze vogel- en zoetwatersoorten.
Het is een gebied waar lokale gemeenschappen al jaren hard werken aan bescherming en herstel. Sinds 2016 is er door herstelinitiatieven meer dan 300 hectare bos aangeplant met ruim 150.000 bomen. Door gezamenlijke inspanningen voor natuurbehoud is bovendien ongeveer 7.000 hectare bos met een hoge natuurwaarde intact gebleven.
Veenbranden vormen een grote bedreiging voor deze vooruitgang. In aangetast of uitdrogend veen kan vuur zich ondergronds verspreiden en weer de kop opsteken, zelfs als het lijkt te zijn gedoofd. Vroegtijdige detectie en snelle bestrijding zijn daarom cruciaal, net als het terugkeren naar de getroffen gebieden om te controleren of het vuur niet opnieuw oplaait.
IFAW ondersteunt Yayasan Inisiasi Alam Rehabilitasi Indonesia (YIARI) en haar partners in de gemeenschap om de bluscapaciteit in Pematang Gadung te versterken tijdens deze uiterst kritieke maanden van het droge seizoen.
Gemeenschappen die hun bossen beschermen
De vrouwen van The Power of Mama zetten zich ook in om Pematang Gadung te beschermen. Dit maatschappelijke initiatief voor brandbestrijding en bosbescherming wordt ondersteund door YIARI.
De groep werkt samen met andere lokale hulpverleners om brandgevaarlijke gebieden in de gaten te houden, dreigingen te signaleren en branden te blussen voordat ze zich verspreiden. Hun ervaring laat zien wat lokale paraatheid kan betekenen. Alleen al in 2025 hebben leden van The Power of Mama 6 grote branden geblust en helpen voorkomen dat meer dan 150 andere branden zich verder verspreidden.
De noodhulp van IFAW zorgt ervoor dat de lokale brandweerteams tijdens het huidige bosbrandseizoen goed uitgerust, mobiel en paraat blijven. Het geld gaat naar essentiële brandweeruitrusting, zoals pompen en slangen, persoonlijke beschermingsmiddelen, reparaties, vervoer, brandstof, communicatie en veldbenodigdheden.
Hoe belangrijk deze middelen zijn, wordt vooral duidelijk in Sungai Paduan, waar toegang tot water een van de grootste uitdagingen is geworden voor brandweerlieden. Sommige branden woeden in gebieden zonder rivieren of kanalen in de buurt, en buurtbewoners proberen al naar water te graven terwijl de teams bezig zijn de branden onder controle te krijgen.
IFAW steunt GPOCP om deze dringende behoeften aan te pakken. Met de financiering kunnen waterpunten worden aangelegd die betrouwbaarder zijn, door tot aan het grondwaterpeil te boren. Ook worden er extra brandweerslangen, beschermende uitrusting voor hulpverleners en andere brandbestrijdingsmiddelen aangeschaft, en personeel in het veld wordt ondersteund. Met langere slangen kunnen waterpunten op veiligere plekken worden aangelegd waarvan brandweerlieden honderden meters verderop branden kunnen blussen.
Voorbereiding is cruciaal als er een ramp toeslaat
De gebeurtenissen die zich momenteel door heel Indonesië afspelen, laten zien dat rampenrespons allerlei vormen kan aannemen. De noodsteun van IFAW is op dit moment vooral gericht op het bestrijden van de natuurbranden in West-Kalimantan, maar onze samenwerking met COP op het gebied van rampenparaatheid helpt de vaardigheden en capaciteit te versterken van lokale hulpverleners die in actie kunnen komen als er een noodsituatie ontstaat.
Toen ik zag hoe deelnemers aan de training meteen vertrokken om te helpen bij de hulpverlening na de aardbeving, werd ik eraan herinnerd dat voorbereiding geen theoretisch iets is. Lokale hulpverleners wonen en werken in de gemeenschappen die risico lopen, en hun vermogen om snel te handelen kan een cruciaal verschil maken als er een ramp toeslaat.
Dieren beschermen voordat ze in een noodsituatie komen
Rampenrespons voor wilde dieren wordt vaak geassocieerd met het redden en verzorgen van dieren nadat ze gewond zijn geraakt. In West-Kalimantan is er een kans om eerder in te grijpen: we kunnen gemeenschappen helpen voorkomen dat branden de leefgebieden van wilde dieren vernietigen.
Voor een orang-oetan die in een van deze bossen leeft, betekent het beschermen van het leefgebied dat de bomen behouden blijven die zorgen voor hun voedsel, onderdak, routes en plaatsen om hun jongen groot te brengen. Diezelfde bossen bieden bovendien onderdak aan veel andere diersoorten en ondersteunen de gemeenschappen die een actieve rol spelen bij het beheer en de bescherming ervan.
Ze zijn ook belangrijk voor het klimaat. Naar schatting bevatten Pematang Gadung en de aangrenzende bossen zo’n 40 miljoen ton opgeslagen koolstof. Het beschermen van koolstofrijke veengebieden tegen brand is dus goed voor de dieren en de gemeenschappen, terwijl het ook helpt voorkomen dat grote hoeveelheden koolstof in de atmosfeer terechtkomen.
De mensen die zich inzetten om deze bossen te beschermen, spelen een centrale rol hierin. Vrijwillige brandweerlieden uit de gemeenschap brengen lokale kennis en ervaring mee, waardoor ze bedreigingen kunnen herkennen en snel kunnen reageren. Natuurorganisaties zorgen voor de coördinatie, expertise en langdurige relaties die nodig zijn om hun werk te ondersteunen.
Via noodhulp aan YIARI en GPOCP helpt IFAW deze lokaal geleide aanpak te versterken in twee bedreigde gebieden in West-Kalimantan. Door de lokale brandweerlieden te voorzien van de apparatuur, het water, de beschermende uitrusting en de operationele ondersteuning die ze nodig hebben, kunnen we helpen om individuele dieren, hele populaties wilde dieren en de bossen te beschermen waar zowel mensen als dieren van afhankelijk zijn.
Gerelateerde content
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.