Door Tawanda Muhamba, GIS-analist bij IFAW
Al jaren bieden satellietbeelden een kijkje in een van 's werelds belangrijkste natuurgebieden.
Het Kavango-Zambezi Transfrontier Conservation Area (KAZA) strekt zich uit over Angola, Botswana, Namibië, Zambia en Zimbabwe. In dit gebied leven zo’n 228.000 savanneolifanten, meer dan de helft van de resterende populatie in Afrika. Meer dan 2,5 miljoen mensen delen dit gebied met de wilde dieren.

Het is ook een van de meest aaneengesloten natuurgebieden ter wereld. Het verbindt beschermde gebieden, gemeenschapsreservaten, bossen en moerasgebieden in vijf landen.
Het KAZA-gebied staat centraal in de Room to Roam-visie van IFAW.
Dit initiatief zet zich in voor het veiligstellen, verbinden en beschermen van cruciale wildcorridors – verbindingsroutes voor wilde dieren. Zo kunnen olifanten en andere diersoorten vrij rondtrekken door zuidelijk Afrika.
Toen 23 jaar aan gegevens over branden in heel KAZA werden samengevoegd, kwam er een opvallend beeld naar voren.
Gegevens van de Moderate Resolution Imaging Spectroradiometer (MODIS) van NASA werden gebruikt. Dit satellietsysteem scant het aardoppervlak elke 1 à 2 dagen. Zo werd de brandactiviteit in de regio tussen 2001 en 2023 in kaart gebracht. De resultaten lieten een landschap zien dat steeds meer onder druk staat. Gemiddeld gaat er elk jaar meer dan 21.000 vierkante kilometer in de KAZA-regio in vlammen op. Dat is een gebied dat groter is dan Rwanda.
Brand heeft altijd deel uitgemaakt van Afrikaanse ecosystemen. Veel leefgebieden zijn ermee ontwikkeld. Als brand op het juiste moment en met de juiste intensiteit voorkomt, kan het een belangrijke ecologische rol spelen. Wat wel zorgwekkend is, is hoe vaak er branden voorkomen, hoeveel land erdoor wordt getroffen, en de steeds grotere rol die menselijke activiteiten hierin spelen.
Een landschap dat steeds meer onder druk staat
In de afgelopen twintig jaar is de frequentie van bosbranden in KAZA met 34% gestegen. De bosbedekking is met 18% afgenomen. Tegenwoordig bestaat nog maar 42% van het landschap uit ongerept bosgebied. Op veel plekken zorgen terugkerende branden ervoor dat bossen en bosgebieden zich steeds minder goed kunnen herstellen. Daardoor blijven er meer aangetaste en minder veerkrachtige leefgebieden over.
Wat deze analyse zo sterk maakt, is dat het is gebaseerd op directe waarnemingen in plaats van op voorspellingen. Dankzij de satellietgegevens kunnen veranderingen in het landschap jaar na jaar worden gevolgd. Daardoor komen patronen aan het licht die anders misschien onopgemerkt zouden blijven.
De werkelijkheid is misschien nog zorgwekkender dan de beelden aangeven. Dr. Pieter Oliver van M.A.P. Scientific Services heeft de bevindingen onafhankelijk beoordeeld. Hij merkt op dat satellietgegevens waarschijnlijk maar een deel van het plaatje weergeven.
"De analyse van IFAW onderschat waarschijnlijk de werkelijke omvang van de branden", legt hij uit. "Satellietgegevens kunnen veel kleine brandjes niet detecteren, die in Afrikaanse landschappen veel voorkomen door activiteiten zoals landbouw en landontginning. Beelden met een hogere resolutie leggen ongeveer 75% meer branden vast dan meer algemene datasets."
Met andere woorden: de langetermijntrends uit de analyse zijn duidelijk, maar de werkelijke omvang van de brandactiviteit in het landschap is misschien nog wel groter dan de huidige gegevens laten zien.
Wat veroorzaakt de branden?
Een van de duidelijkste bevindingen uit het onderzoek is dat mensen centraal staan in dit verhaal.
Bijna 70% van de branden in KAZA is te herleiden tot menselijke activiteiten. Voorbeelden zijn het ontginnen van landbouwgrond, het beheer van weidegrond en de productie van houtskool. Alleen al het afbranden van landbouwgrond is verantwoordelijk voor ongeveer een derde van alle branden. De houtskoolproductie veroorzaakt nog eens 18%.
Deze activiteiten zorgen voor inkomsten in de hele regio. Voor veel landelijke gemeenschappen blijft vuur een van de meest toegankelijke en betaalbare manieren om land en natuurlijke hulpbronnen te beheren. Het wordt een probleem als branden zich buiten de beoogde grenzen verspreiden, of als ze zo vaak voorkomen dat ecosystemen zich niet meer kunnen herstellen.
Dit onderscheid is belangrijk. Het gaat niet alleen om het verminderen van branden; het gaat ook om het helpen van gemeenschappen om er veiliger en duurzamer mee om te gaan. Naarmate de vraag naar land en energie toeneemt, moeten oplossingen ook rekening houden met de mensen. Hun behoeften moeten worden erkend, net als hun rol als beheerders van de landschappen waar ze leven.

Als wilde dieren ruimte kwijtraken
De gevolgen van herhaaldelijke branden reiken veel verder dan de vlammen en rook die je vanuit de ruimte kunt zien.
Tijdens het hoogseizoen voor branden, tussen juli en oktober, hebben wilde dieren het al het zwaarst van het hele jaar. Water wordt schaars en er is steeds minder voedsel. Dieren verzamelen zich rond de laatste waterbronnen. Uit de analyse bleek dat het verlies van leefgebied in deze periode voor soorten zoals olifanten en Afrikaanse wilde honden kan oplopen tot 90-95%.
Als dieren uit hun gewenste leefgebied worden verdreven, is de kans groter dat ze naar gebieden trekken waar mensen wonen en landbouw bedrijven. Dit vergroot het risico op conflicten tussen mensen en wilde dieren. Het verstoort migratieroutes en legt extra druk op de al kwetsbare wildpopulaties.
Een van de meest verontrustende bevindingen betreft de Hwange-Kazuma-corridor. Dit is een cruciale verbindingsroute voor wilde dieren die olifantenpopulaties in Zimbabwe en Botswana met elkaar verbindt. Uit de gegevens blijkt dat ongeveer 75% van de corridor te maken heeft met herhaaldelijke branden.
Ik heb in en rond het Hwange-gebied gewerkt. Ik zag hoe sterk olifanten afhankelijk zijn van deze verbindingen om grenzen over te steken. De omvang van die verstoring is dan ook zorgwekkend.
Voor olifanten en veel andere diersoorten is verbinding essentieel. Dankzij wildcorridors kunnen dieren zich tussen leefgebieden verplaatsen. Zo krijgen ze toegang tot voedsel en water, en tot andere populaties, waardoor de genetische diversiteit en gezondheid behouden blijft. Ook kunnen ze zich beter aanpassen aan veranderende leefomstandigheden. Als die verbindingen beginnen af te brokkelen, heeft dat gevolgen voor hele ecosystemen.
De bevindingen bevestigen waarom connectiviteit zo’n belangrijk aandachtspunt is van het Room to Roam-initiatief van IFAW. In heel zuidelijk Afrika werkt Room to Roam samen met overheden, gemeenschappen en natuurbeschermingspartners. Het initiatief stelt cruciale wildcorridors veilig, verbindt ze met elkaar en beschermt ze. Zo kunnen olifanten en andere wilde dieren zich veilig verplaatsen door landschappen die ze delen met mensen.
Door de versnippering van het leefgebied tegen te gaan en de verbinding tussen landschappen te versterken, ondersteunt Room to Roam de biodiversiteit, de klimaatbestendigheid en het samenleven van mensen en wilde dieren in de hele regio.
Brand tast niet alleen leefgebieden binnen beschermde gebieden aan. Het verstoort ook steeds vaker de corridors die deze gebieden met elkaar verbinden.
Het beschermen van deze corridors is cruciaal, zodat dieren zich kunnen blijven verplaatsen, aanpassen en ontwikkelen in het hele KAZA-landschap.
De branden hebben niet alleen voor wilde dieren gevolgen. Rook van ongecontroleerde branden kan honderden kilometers ver drijven. Daardoor raakt de luchtkwaliteit ver buiten de brandgebieden aangetast. Voor gemeenschappen in brandgevaarlijke gebieden worden deze gevolgen een jaarlijkse uitdaging. Ze beïnvloeden hun gezondheid, inkomen en algehele welzijn.

Bewijs omzetten in actie
Ondanks deze uitdagingen is er reden voor optimisme. Een van de meest hoopgevende bevindingen uit het onderzoek is dat de meeste branden te voorkomen zijn. Omdat ze verband houden met menselijk handelen, zijn er praktische maatregelen die een wezenlijk verschil kunnen maken.
In verschillende delen van de regio testen gemeenschappen nu al nieuwe methodes. Voorbeelden zijn: vroeg in het seizoen gecontroleerd afbranden, lokale commissies voor brandbeheer, en betere branddetectiesystemen. Die systemen maken een snelle reactie mogelijk voordat kleine brandjes uitgroeien tot grote rampen.
Het onderzoek benadrukt een aantal maatregelen die de gevolgen van branden in het hele KAZA-gebied kunnen helpen verminderen:
- Ondersteuning van het brandbeheer dat door de gemeenschap wordt geleid en van gecontroleerd afbranden vroeg in het seizoen.
- Uitbreiding van vroegtijdige waarschuwingssystemen en branddetectie in realtime.
- Bescherming van cruciale wildcorridors door middel van gericht brandbeheer.
- Ondersteuning van duurzame bestaansmiddelen die de afhankelijkheid van houtskoolproductie verminderen.
- Versterking van de samenwerking tussen de vijf landen die samen verantwoordelijk zijn voor het KAZA-gebied.
Geen van deze oplossingen kan op zichzelf slagen. Vuur kent geen politieke grenzen, en onze aanpak zou dat ook niet moeten doen.
Een toekomst die binnen handbereik ligt
We analyseerden meer dan twintig jaar brandactiviteit in KAZA. Eén conclusie springt eruit: dit is geen onvermijdelijk probleem.
De gegevens schetsen een ernstig beeld, maar laten ook zien dat praktische oplossingen mogelijk zijn. Hetzelfde bewijs dat de grootte van het probleem laat zien, geeft ook aan waar maatregelen het grootste verschil kunnen maken.
KAZA blijft een van 's werelds meest opmerkelijke natuurgebieden. Het huisvest buitengewone wilde dieren. Het voorziet miljoenen mensen van levensonderhoud. Het laat zien wat er mogelijk is als landen over grenzen heen samenwerken.
Door gemeenschappen te steunen, wildcorridors te beschermen, brandbeheer te verbeteren en regionale samenwerking te versterken, is het mogelijk om de gevolgen van branden te verminderen. Zo kunnen we bouwen aan een veerkrachtigere toekomst voor zowel mensen als dieren.
Die toekomst ligt nog steeds binnen handbereik. De gegevens laten zien waar actie nodig is, en nu is het moment om in actie te komen.
Gerelateerde content
Zonder jouw steun kunnen wij ons werk niet doen. Geef nu voor het verbeteren van de leefomstandigheden voor dieren.