Welke landen houden zich nog bezig met de walvisvaart?

Ondanks het verbod dat de IWC in 1986 op de walvisvaart instelde, weigert een aantal landen hun jachtactiviteiten te staken.

  • Japan

Vrijwel onmiddellijk na het van kracht worden van het verbod op de walvisvaart in 1986, startte Japan met zijn wetenschappelijke walvisprogramma, dat breed gezien wordt als een dekmantel voor het voortzetten van de commerciële jacht.

Het vlees van deze walvissen – gedood uit naam van de wetenschap – wordt vervolgens op de markt verkocht of gratis of tegen lage prijzen uitgedeeld op scholen en in ziekenhuizen, als onderdeel van marketinginitiatieven die de consumptie van walvisvlees moeten aanmoedigen.

De Japanse walvisvloot vaart tweemaal per jaar uit. Gewoonlijk vertrekken er in november schepen naar het walvisreservaat in de Zuidelijke IJszee, waar de jagers onder het mom van wetenschappelijk onderzoek maximaal 935 dwergvinvissen en 50 gewone vinvissen doden. In de Noordelijke Stille Oceaan mogen de Japanse walvisjagers uit naam van de wetenschap maximaal 200 dwergvinvissen, 50 Bryde's vinvissen, 100 noordse vinvissen en 10 potvissen doden. 

  • Noorwegen

Noorwegen hield zich slechts tot 1993 aan het door de IWC ingestelde moratorium op de walvisjacht. Het land maakte gebruik van een uitzondering in het Internationaal Verdrag ter Regulering van de Walvisvaart en hervatte na het maken van een voorbehoud op het moratorium de jacht op dwergvinvissen.

Noorwegen bepaalt zelf de quota voor het aantal walvissen dat walvisvaarders voor commerciële doeleinden mogen doden. Dit aantal wordt voortdurend naar boven bijgesteld. Waar in 2002 nog 671 dwergvinvissen mochten worden gedood, is dit aantal inmiddels opgelopen tot meer dan 1.000. De afgelopen jaren werd echter minder dan de helft van deze zelf vastgestelde vangstlimiet ook daadwerkelijk gevangen.

Het feit dat Noorwegen op dit moment verhoudingsgewijs meer vruchtbare vrouwelijke dieren vangt, kan het voortbestaan van de dwergvinvis in de noordelijke Atlantische Oceaan ernstig in gevaar brengen.

  • IJsland

Net als Japan werkte IJsland in eerste instantie met een ‘wetenschappelijk’ walvisprogramma. In 1992 trok het land zich echter terug uit de IWC. Bij een hernieuwde toetreding in 2004 liet IJsland vervolgens een clausule opnemen waarin het een voorbehoud maakte op het moratorium op de walvisjacht.

In 2006 hervatte IJsland vervolgens de commerciële walvisvaart, waarbij het zich richtte op dwergvinvissen en gewone vinvissen. Alleen al in 2010 doodden IJslandse walvisjagers 148 bedreigde gewone vinvissen en 60 dwergvinvissen.