Waarom de handel in neushoornhoorn in Afrika verboden moet blijven

8 augustus 2013: in beslag genomen hoorns in het hoofdkantoor van de Dienst Douane & Accijnzen in Hongkong. Niet alleen drijft de illegale handel veel iconische Afrikaanse diersoorten tot aan de rand van de afgrond, zij vormt ook een belangrijke financieringsbron voor gewapende terroristische groeperingen in de hoorn van Afrika.  c. IFAW/Alex Hofford

In het gunstigste geval zijn de argumenten om een gereguleerde handel in neushoornhoorn toe te staan theoretisch van aard, en worden op basis van zeer summiere gegevens uiterst dubieuze voorspellingen gedaan.

Eerder deze week vond op initiatief van OSCAP (‘Boze Zuid-Afrikaanse burgers tegen stroperij’) een internationale conferentie plaats, waarbij de risico’s van de handel in neushoornhoorn werden geïnventariseerd. De Zuid-Afrikaanse regering zet echter juist in op het verzamelen van steun voor het legaliseren van de handel. Het zal duidelijk zijn dat Pretoria voor een ernstig dilemma staat.

Terwijl sommigen menen dat nu de tijd rijp is voor een aangepaste beheerstrategie, ben ik van mening dat dat een veel te riskant experiment zou zijn en dat je die mogelijkheid in de wandelgangen zelfs niet zou moeten fluisteren, laat staan er actief steun voor verzamelen.

De kans dat dit op een fiasco uitdraait is zelfs zo groot, dat de Zuid-Afrikaanse overheid straks direct de hand heeft in een ontwikkeling die alle eerder geleverde inspanningen om neushoorns te beschermen tenietdoet. En dat zal de geloofwaardigheid van dit land ernstig ondermijnen.

En er is nog een andere belangrijke ethische kwestie: er worden ook neushoorns gefokt voor de handel, zogenaamd om de soort te beschermen. Het land heeft weliswaar een traditie van het fokken van wilde dieren, maar aangezien particulieren niet alleen recht op grondbezit hebben maar ook op het houden van wilde dieren, is nauwelijks te onderscheiden of iemand op eigen grond wilde dieren houdt om ze te beschermen of dat hij dieren fokt om er geld aan te verdienen.

Het debat over neushoorns drijft de regering zodanig in het nauw, dat ze geen andere uitweg heeft dan duidelijkheid te verschaffen over haar bedoelingen. Als je neushoorns wil fokken om er geld aan te verdienen, zeg dan ook eerlijk wat dat inhoudt: je geeft een handjevol particulieren optimale vrijheid van handelen om zich persoonlijk zoveel mogelijk te verrijken. Maar ja, als je dat toegeeft komen je geloofwaardigheid en imago als land zwaar onder druk, niet alleen internationaal gezien maar ook in eigen land.

De neushoornstroperij heeft een omslagpunt bereikt, nu ook maatschappelijke organisaties (tegenwoordig weer een vitale pijler van de samenleving die ook wereldwijd aan invloed wint) zich ermee zijn gaan bemoeien.

Nu de internationale gemeenschap volop aandacht heeft voor de illegale handel in wilde dieren, in het bijzonder de handel in ivoor van neushoorns en olifanten, is de kans erg klein dat Zuid-Afrika bij de eerstvolgende Conferentie van Partijen (CoP17) van CITES zijn zin krijgt.

Als Zuid-Afrika vasthoudt aan het voorstel om de hoorns van neushoorns op de markt te brengen, in welke vorm ook, zou dat van politieke naïviteit getuigen en een klap in het gezicht zijn van allen die zich op dit moment wereldwijd inspannen om de vraag naar ivoor terug te dringen en de clandestiene handel en stroperij aan banden te leggen. Een dergelijke stap zou door de Europese Unie en de VS zelfs kunnen worden uitgelegd als een poging om hun enorme financiële investeringen in het terugdringen van de vraag en de strijd tegen handelaars en stropers, volkomen teniet te doen.

Dat zou niet alleen slecht zijn voor neushoorns, maar ook voor de internationale verhoudingen.

In november vorig jaar bracht het IFAW een rapport uit, getiteld Horn of Contention: A Review of Literature on the Economics of Trade in Rhino Horn.  In opdracht van het IFAW bestudeerden Australische economen van Economists at Large bestaande onderzoeksrapporten over de economische aspecten van de handel in producten van bedreigde diersoorten, in het bijzonder hoorns van neushoorns; hun werk moest een onafhankelijke, onbevooroordeelde inschatting opleveren van de potentiële gevolgen van legalisering van de handel in neushoornhoorn.

De rapportage was duidelijk: er is een reëel risico dat de gereguleerde handel tot toenemende stropersactiviteiten zal leiden door een combinatie van vijf mechanismen:

  1. De legale en illegale markt bestaan naast elkaar en zijn op een complexe manier met elkaar verweven.
  2. Het kopen van de producten zal als minder ‘fout’ worden beschouwd.
  3. Illegale producten zullen tegen lagere kosten kunnen worden geleverd.
  4. De mogelijkheid wordt gecreëerd om illegale producten voor legaal te laten doorgaan.
  5. Niet bekend is hoe leveranciers van illegale producten op concurrentie vanuit de legale markt zullen reageren.

Terwijl elk van de vijf genoemde mechanismen op zich al reden genoeg is voor ongerustheid, toont de totale economische meta-analyse aan dat de potentiële impact van handelsregulering in hoge mate onzeker is.

Een cruciaal aspect van deze onzekerheid houdt verband met het feit dat we nauwelijks enig inzicht hebben in de variabelen die de vraag naar de producten bepalen en in hoeverre die onder invloed van de legale, gereguleerde handel kunnen veranderen. De echte en fundamentele vraag is dan: hoeveel risico is eigenlijk nog acceptabel tegenover zoveel onzekerheid?

Neushoorns zijn ongetwijfeld van grote waarde, maar het is hoog tijd om die waarde opnieuw te formuleren. Zuid-Afrika heeft een mogelijkheid om de zaken recht te zetten en de nodige maatregelen te nemen om de stroperscrisis het hoofd te bieden. Maar daarvoor is wel een radicale koerswijziging nodig, van een beleid dat ertoe kan leiden dat neushoorns in het wild uitsterven (vooropgesteld dat er overigens niets verandert), naar een beleid dat gericht is op het vinden van echte, ethisch verantwoorde oplossingen.

Het is tijd dat de regering een duidelijke keuze maakt.

--JB

U kunt het IFAW-rapport hier downloaden: Horn of Contention: A Review of Literature on the Economics of Trade in Rhino Horn

Post a comment

Deskundigen

Vice President, Hoofd Internationale Activiteiten en Programma's
President en Algemeen Directeur
Céline Sissler-Bienvenu, Directeur Frankrijk en Franstalig Afrika
Directeur Frankrijk en Franstalig Afrika
Regiodirecteur Midden-Oosten
Regiodirecteur Midden-Oosten
Dr. Maria (Masha) N. Vorontsova, Regiodirecteur Rusland en GOS
Regiodirecteur Rusland en GOS
Grace Ge Gabriel, Regiodirecteur Azië
Regiodirecteur Azië
Jeffrey Flocken, Regiodirecteur Noord-Amerika
Regiodirecteur Noord-Amerika
Kelvin Alie, Hoofd Programma Wildlife Trade
Hoofd Programma Wildlife Trade
Peter Pueschel, Hoofd Programma’s
Hoofd Internationale Milieuverdragen
Campaigner, Duitsland
Campaigner, Duitsland
Tania McCrea-Steele, Manager campagnes en wetshandhaving, IFAW UK
Manager campagnes en wetshandhaving, IFAW UK
Vivek Menon, regiodirecteur Zuid-Azië
Regiodirecteur Zuid-Azië