Valentijnsdag met de olifanten van Amboseli

Bij de JA2’s zoeken de kalfjes elkaar op voor wat traditionele ‘olifantenknuffels’

Op Valentijnsdag lijkt het me wel toepasselijk om het in dit bericht te delen over mijn liefde voor olifanten, en bepaalde olifanten in het bijzonder.

In de twee jaar waarin ik ze nu volg, zijn de JA's één van de families geworden waarmee ik het liefste tijd doorbreng. Ze zijn altijd al populair geweest bij de onderzoekers in Amboseli. Jarenlang werden ze geleid door Jezebel, één van onze meest indrukwekkende matriarchen.

Toen Jezebel in 1993 door ouderdom, een natuurlijke dood stierf, nam Joyce het leiderschap van haar over. Er werden nieuwe kalfjes geboren, de familie breidde zich uit en er leek een nieuw tijdperk aan te breken. Aan de goede tijden kwam echter een eind en in de volgende jaren keerde het lot zich tegen hen. Achtereenvolgens stierven of verdwenen er familieleden en onafhankelijke mannetjes, vaak afgeschoten door stropers of gedood met speren. Het leefgebied van de JA's ligt dicht bij een aantal boma’s van de Maasai, waardoor ze altijd als één van de eerste olifantenfamilies in conflict kwamen met mensen.

De familie, die in 2000 nog 24 dieren telde, verloor in de periode tot 2009 negen familieleden. De ‘echte’ familie werd zelfs nog kleiner toen Jill in 2003 besloot samen met haar vier dochters te vertrekken en zelfstandig verder te gaan als wat vanaf dat moment de JA2-familie genoemd werd. Vervolgens werd Amboseli in 2009 getroffen door een ernstige droogte en verloren de twee families nog eens 8 leden, waaronder ook Jill en Joyce, hun matriarchen.

Toen ik ze in 2011 leerde kennen, telden de JA’s nog maar negen leden: Jolene, Jamila, Jody en hun kalveren. Ze onderhielden nog altijd vriendschappelijke banden met Jills dochters, maar trokken het meest op met de AA- en YA-familie. Ze waren een kleine familie, die je gemakkelijk kon leren kennen. Maar dat is niet de enige reden waarom ik zo dol op ze ben.

Ik schreef al eerder over de bijzondere banden tussen olifanten, en hoe ze elkaar als individuen behandelen. De sterkste banden zijn die tussen familieleden en vriendschappen. De JA’s zijn niet alleen familie van elkaar: ze zijn ook vrienden. Ze versterken hun onderlinge relaties door het veelvuldig tonen van genegenheid, door tegen elkaar aan te schurken (‘olifantenknuffels’), tegen elkaar aan geleund te slapen, en elkaar in het voorbijgaan zachtjes aan te raken met de slurf of staart. Het zijn zachtaardige dieren, met aandacht voor elkaar, en ik denk dat dat een van de redenen is waarom ik zo graag bij ze in de buurt ben.

Ik doe onderzoek naar leiderschap binnen families – wie neemt belangrijke beslissingen over verplaatsingen, rusten en eten. Wie neemt het initiatief, wie reageert, en wie negeert afgegeven signalen. Als je daar naar kijkt, krijg je inzicht in hoe olifanten onderhandelen en oplossingen vinden voor verschillende behoeften van verschillende familieleden. En dat is weer van invloed op de kansen van een familie om zich met succes voort te planten.

Goed, dat is de wetenschappelijke kant ervan. Maar ik vind het ook gewoon leuk om families zo goed te leren kennen dat je dit gedrag kunt interpreteren. En hoewel ze in onze aanwezigheid ontspannen zijn en ons vertrouwen, betekent dat niet dat ze de auto die ik gebruik volledig negeren.

De JA’s hebben een speciaal plekje in mijn hart veroverd door het gekke gedrag dat ze tegenover mij vertonen, met name de jongere familieleden. Vaak lopen ze dicht langs de auto, en dan rollen ze soms overdreven met hun ogen naar me, of ze paraderen verwaand voorbij. Soms produceren ze ook een gedempt getrompetter, dat meer weg heeft van een raar soort gesnuif. Het komt maar zelden voor dat ze me niet aan het lachen krijgen.

Toen ik vorige maand na een periode van reizen en werken in Engeland terug was in Amboseli was ik dolblij. En hoe kon ik mijn terugkeer beter vieren dan met een bezoekje aan de JA’s? Toen ik bij ze aankwam, viel me echter op dat Jolene er niet bij was.

Olifantenfamilies brengen niet al hun tijd samen door – dat maakt hun onderlinge banden en hun besluitvorming ook zo flexibel, en zo interessant om te bestuderen. Maar de JA’s zijn erg aan elkaar gehecht en in twee jaar tijd had ik ze nog nooit zonder elkaar gezien.

Bovendien was het me de laatste keer dat ik Jolene zag, opgevallen dat ze vermagerd was. Haar jukbeenderen staken uit en haar ribben tekenden zich duidelijk af.

Natuurlijk is het onvermijdelijk dat er binnen families soms olifanten doodgaan, maar de JA’s hadden de afgelopen jaren zoveel meegemaakt, dat ik echt hoopte dat er niets met Jolene gebeurd was. Ze was korte tijd daarvoor bevallen en haar nieuwe zoon Julius was mollig en een duidelijk aanwezige persoonlijkheid, al meteen vanaf het moment van zijn geboorte. Jolenes dochter Jean en oudere zoon Jeremy waren ook verdwenen, dus ik hoopte maar dat ze allemaal samen waren. Vervolgens bedacht ik me dat het er bij mijn vertrek naar uitzag dat Jeans zwangerschap al behoorlijk ver gevorderd was, dus misschien was ze wel bevallen. Ik probeerde mezelf gerust te stellen.

De volgende dagen concentreerde ik me op andere olifantenfamilies, maar tussendoor reed ik vaak naar de favoriete plekjes van de JA’s, in een poging een glimp van ze op te vangen. De andere leden van het ATE-team hadden de JA’s evenmin gezien, dus we concludeerden dat ze zich nog altijd buiten het Park moesten ophouden. We konden alleen maar wachten.

Bijna twee weken later vond ik de JA’s terug. Ze waren allemaal samen in alle rust aan het eten, alsof er geen vuiltje aan de lucht was. Ik voelde me net een bezorgde moeder, en wist niet of ik nu opgelucht moest zijn dat ze het allemaal goed maakten, of kwaad omdat ik me zoveel zorgen had gemaakt! Alles leek normaal, maar het viel me op dat Jean niet langer zwanger was. Ze moet een doodgeboren kalf hebben gekregen, of een miskraam, wat zou verklaren waarom Jolene bij haar was gebleven. Het is verdrietig dat Julius nog wat langer op een nieuw speelkameraadje moet wachten, maar in ieder geval was de familie weer samen en veilig.

Ik vind het jammer dat ik hun moment van hereniging heb gemist. Dit soort momenten zijn vreugdevolle en spectaculaire gebeurtenissen in een olifantenleven. Iedereen begroet elkaar luidruchtig, met geheven koppen en vocht afscheidende slaapklieren. Ze schurken tegen anderen aan en raken elkaar overal aan. Ik weet zeker dat de hereniging van de JA’s ook zo enthousiast is verlopen. Steeds als ik zo’n begroeting zie, word ik eraan herinnerd dat de liefde die ik en andere mensen voor olifanten koesteren, bij lange na niet kan tippen aan de enorme toewijding die zij voor elkaar voelen.

--VF

Ga voor meer informatie over onze inspanningen voor de bescherming van olifanten naar onze speciale pagina over dit onderwerp.

Post a comment

Deskundigen

Olifantendeskundige voor het IFAW
Grace Ge Gabriel, Regiodirecteur Azië
Regiodirecteur Azië
James Isiche, Regiodirecteur Oost-Afrika
Regiodirecteur Oost-Afrika
Regiodirecteur Zuidelijk Afrika / Hoofd Programma Olifanten
Regiodirecteur Zuidelijk Afrika / Hoofd Programma Olifanten
Peter Pueschel, Hoofd Programma’s
Hoofd Internationale Milieuverdragen
Vivek Menon, regiodirecteur Zuid-Azië
Regiodirecteur Zuid-Azië