Spotlight Australië: een weloverwogen, kalm debat over de walvisvaart is zeker nodig

Dit is een nog niet gepubliceerde ingezonden brief naar de Australische krant The Age in reactie op de uitspraken van de heer Peter Bridgewater in diezelfde krant op 2 maart. - ED

Geachte heer,

Peter Bridgewater heeft gelijk, een weloverwogen, kalm debat over de walvisvaart is zeker nodig, maar daarbij is het wel belangrijk dat ons standpunt, net als bij discussies over andere onderwerpen op het gebied van dierenwelzijn of natuurbescherming, duidelijk naar voren wordt gebracht.

De heer Bridgewater beweert dat protesten tegen de wetenschappelijke walvisjacht door Japan zinloos zijn, aangezien deze onder de Internationale Walvisvaart Conventie (IWC) is toegestaan. Bovendien suggereert zijn artikel een zekere legitimiteit van deze jacht.

Waar Australië en regeringen van andere landen aanzienlijke bedragen hebben geïnvesteerd in onderzoek in de Zuidelijke IJszee, heeft Japan elke bijdrage geweigerd. In plaats daarvan kiest het land voor dodelijk onderzoek zonder enige aantoonbare wetenschappelijk waarde. Onderzoek dat feitelijk slechts een schaamteloos excuus is om onder het door de internationale gemeenschap overeengekomen moratorium op de commerciële walvisjacht uit te komen.

Hoe zouden Australië en de internationale gemeenschap anders moeten reageren op een regering die de ongelukkige formulering van een verdrag misbruikt om duidelijke, met meerderheid van stemmen aangenomen besluiten te omzeilen? Is dat iets wat we gewoon maar moeten accepteren? Wie geen waarde hecht aan het leven van 10.000 walvissen, mag dit dan misschien afdoen als een onbelangrijke kwestie, dan nog zegt onze opstelling op dit vlak ook iets over de manier waarop we omgaan met andere controversiële internationale kwesties. 

De oproep van de Japanse vice-minister van Buitenlandse Zaken tot een debat dat niet wordt overschaduwd door emotie is begrijpelijk, maar zou evenzeer moeten gelden voor Japan zelf – de nuchtere waarheid is dat de walvisjacht in Antarctica ook in economisch opzicht niet te rechtvaardigen is.

Australiërs worden ten onrechte voorgesteld als overemotionele spandoekenzwaaiers. Feit is echter dat zij juist inzien dat levende walvissen van grotere waarde zijn dan dode walvissen, die op wrede wijze worden geharpoeneerd omwille van twijfelachtig onderzoek en een commerciële markt die steeds verder inzakt. Onze regering draagt dit standpunt op de juiste manier uit.

De heer Bridgewater suggereert dat onze bezwaren tegen de wetenschappelijke walvisjacht 'slechts' betrekking hebben op het dierenwelzijnsaspect, en dat Australië daarmee riskeert voor hypocriet te worden aangezien. Vanuit deze gedachte zou hij echter niet onze opstelling in de walvisjachtkwestie in twijfel moeten trekken, maar juist moeten pleiten voor verbetering van onze reputatie op het gebied van binnenlandse kwesties.

Wij zouden onze ethische normen voor de omgang met dieren én de naleving van internationale afspraken eerder moeten verhogen dan verlagen – en misschien zouden Japan en Australië niet alleen op het gebied van Antarctische wetenschap, maar ook met betrekking tot deze twee onderwerpen moeten samenwerken.

Hoogachtend

Isabel McCrea

Regiodirecteur Oceanië

International Fund for Animal Welfare

Post a comment

Deskundigen

Dr. Maria (Masha) N. Vorontsova, Regiodirecteur Rusland en GOS
Regiodirecteur Rusland en GOS
Dr. Ralf (Perry) Sonntag, Directeur Duitsland
Directeur Duitsland
IFAW-vertegenwoordiger Japan
IFAW-vertegenwoordiger Japan
Patrick Ramage, Hoofd Programma Walvissen
Hoofd Programma Walvissen