Serene rust Amboseli wreed verstoord: drie olifanten gedood door ivoorstropers

OOGR-opzichters met de enige slagtand die van de drie gedode olifanten is teruggevonden – waarschijnlijk gaat het om een tand van de moeder. Foto beschikbaar gesteld door ATGSA – Wilson Kisipan Tikwa

Het land van de Olgulului-Ololorashi Group Ranch (OOGR) in Amboseli, zondag 28 oktober 2012, laat in de middag.

De zon zakt in het westen naar de horizon en de intredende schemering legt langzaam een welkome, verkoelende deken over het door de zon geteisterde land. Er heerst een vredige rust.

Die rust wordt plotseling wreed verstoord door twee dramatische gebeurtenissen in de heuvels van Lemomo en Embaringoi langs de grens tussen Kenia en Tanzania.

Van één kant klinken drie zware geweersalvo´s, terwijl aan de andere kant, op grote afstand, dikke rookwolken aan de horizon verschijnen, een veeg teken van brand. Er breekt paniek uit.

De gedachte aan wat een ongecontroleerde brand in deze tijd van het jaar met de schrale, droge vegetatie van het ecosysteem van Amboseli kan doen, bezorgt iedere ranger of opzichter de rillingen, laat staan de van veeteelt afhankelijke Maasaigemeenschap.

Snel ingrijpen is geboden, zeker met het oog op de felle winden die in Amboseli kunnen opsteken.  

Van de vredige sfeer in Amboseli is plotseling niets meer over.

Mensen haasten zich de ene kant op om het vuur te doven, terwijl opzichters van de groepsranch en de KWS-rangers de tegenovergestelde richting uit snellen.

Ze weten allemaal heel goed wat er aan de hand was – er zijn stropers actief.

Ze moeten zo snel mogelijk de plaats des onheils zien te bereiken, voordat de criminelen de slagtanden van de olifanten hebben verwijderd, vooropgesteld dat hun gruwelijke jacht slachtoffers heeft gemaakt.

Brandstichting is een beproefde tactiek die door stropers in Amboseli vaker wordt toegepast.

Er volgt een korte schotenwisseling, waarna een huls van een afgevuurde .458 kogel kan worden veiliggesteld (informatie van KWS Amboseli).

Helaas treffen de toegesnelde OOGR-opzichters en KWS-rangers op de plaats waar de schoten hebben geklonken, alleen nog de gruwelijk verminkte karkassen aan van drie kort daarvoor gedode olifanten, toen nog de trotse bewoners van Amboseli.

Een prachtig olifantengezin van drie (volgens de Amboseli Trust for Elephants een moeder met haar twee dochters) dat het ene moment nog springlevend liep te grazen, lag het volgende moment dood op de grond. Twee dieren liggen op hun zij, één ligt in een geknielde houding, en bij allemaal is er met geweld op de kop ingehakt. Een gruwelijk beeld, dat nog eens pijnlijk duidelijk maakt wat stropers de olifanten van Amboseli kunnen aandoen als de opzichters van de OOGR of de rangers van de KWS hun werk niet zo zorgvuldig zouden doen.

Na het vuurgevecht hebben de gecombineerde beveiligingsteams de achtervolging ingezet. Hierbij werd in ieder geval één slagtand teruggevonden, die door de vluchtende stropers was achtergelaten.

De stropers maken handig gebruik van het dichtbegroeide, heuvelachtige en moeilijk begaanbare terrein en de nabijheid van de Tanzaniaanse grens. Onder dekking van de snel invallende duisternis kunnen ze gemakkelijk de grens met Tanzania oversteken, waar ze zich veilig weten voor hun Keniaanse achtervolgers, die de landsgrens niet over durven steken.

Dit voorval onderstreept eens te meer de problematiek die de unieke positie van de in beide landen opererende OOGR-opzichters in het 5.700km2 tellende Amboseli Ecosysteem met zich meebrengt.

De verwondingen van Qantina zeggen iets over de werkwijze van de stropers.

De hele operatie wijst op betrokkenheid van professionele, door de wol geverfde olifantenstropers, die precies weten waar ze de olifanten moeten raken (om een onmiddellijke dood te garanderen) en op welke plaats ze op de kop moeten inhakken (om de slagtanden snel en in hun geheel te verwijderen) om vervolgens onder dekking van de invallende duidsternis te kunnen verdwijnen.

De stropers werken volgens een uitgekiend plan, waarbij ze handig gebruik maken van verschillende factoren om veilig en eenvoudig weg te kunnen komen: een aangestoken bosbrand als afleidingsmanoeuvre (om de aandacht af te leiden en hun tegenstanders uiteen te drijven), de locatie van de jacht (ruw terrein zonder begaanbare wegen, met veel begroeiing en nauwelijks begaanbare paden, en dicht bij de grens met Tanzania), het kaliber van het gebruikte vuurwapen (een zeer krachtig geweer, zodat zelfs de grootste olifant met één enkel schot kan worden neergelegd en er zo weinig mogelijk aandacht wordt getrokken) en het gekozen tijdstip (precies tegen zonsondergang, zodat ze nog voldoende daglicht hebben om de grens met Tanzania over te steken terwijl de invallende duisternis verdere achtervolging onmogelijk maakt).

En daarmee is ook meteen de achilleshiel van de natuurbeschermingsoperaties in Amboseli blootgelegd.

Het overgrote deel van de beschikbare middelen en vuurkracht is geconcentreerd bij de KWS, die zich hoofdzakelijk in het Amboseli National Park ophoudt, terwijl de olifanten vrij rondtrekken door het gemeenschapsland van de OOGR, vaak ver buiten het bereik van de rangers van de KWS. Dit betekent dat ze voortdurend blootstaan aan dit soort gevaren.

De eigen rangers van de OOGR zijn vaak als eerste ter plaatse als er brand uitbreekt of als er geweerschoten klinken, maar ze zijn onvoldoende getraind en slecht uitgerust.

Het gevolg is dat ze bij achtervolging en bestrijding van stropers altijd een beroep moeten doen op KWS-rangers om over vervoer en voldoende vuurkracht te kunnen beschikken.

En de situatie wordt nog verergerd door de slechte conditie van de wegen op het grondgebied van de OOGR.

Allemaal factoren die de stropers voldoende tijd opleveren om veilig met het buitgemaakte ivoor te ontkomen.

Als we te laat zijn om de olifant te kunnen redden, dan moeten we op zijn minst voorkomen dat het ivoor wordt meegenomen, zo wordt wel gezegd. Dit om de ongebreidelde illegale ivoorhandel niet nog verder aan te wakkeren en stropers niet nog meer aan te moedigen.

Daarom verzorgt het IFAW professionele trainingen en stellen we uitrusting beschikbaar voor de opzichters van de OOGR, die de eerste verdedigingslinie vormen voor de olifanten van Amboseli. Om dit mogelijk te maken, vragen we iedereen die begaan is met het lot van de olifanten van Amboseli, ons te helpen de training en uitrusting van alle opzichters van de OOGR mogelijk te maken. Alleen zo kan herhaling van het afschuwelijke tafereel dat zich hier heeft afgespeeld, in de toekomst worden voorkomen.  

Na die noodlottige zondag hebben OOGR-opzichters en de rangers van de KWS gezamenlijk vijf dagen lang de omgeving uitgekamd, op zoek naar het buitgemaakte ivoor en inlichtingen over de stropers. Er werd dag en nacht gezocht, met grote inzet van middelen en mensen. 

En al die inspanningen wierpen hun vruchten af: één van de vijf verdachte stropers is gearresteerd en werkt op dit moment mee aan het onderzoek. 

--EM

Meer informatie over onze wereldwijde inspanningen ter bescherming van olifanten is te vinden op de internetpagina over onze olifantencampagne.

 

Post a comment

Deskundigen

Céline Sissler-Bienvenu, Directeur Frankrijk en Franstalig Afrika
Directeur Frankrijk en Franstalig Afrika
Olifantendeskundige voor het IFAW
Grace Ge Gabriel, Regiodirecteur Azië
Regiodirecteur Azië
James Isiche, Regiodirecteur Oost-Afrika
Regiodirecteur Oost-Afrika
Regiodirecteur Zuidelijk Afrika / Hoofd Programma Olifanten
Regiodirecteur Zuidelijk Afrika / Hoofd Programma Olifanten
Peter Pueschel, Hoofd Programma’s
Hoofd Internationale Milieuverdragen
Vivek Menon, regiodirecteur Zuid-Azië
Regiodirecteur Zuid-Azië