Rusland: dossier – doodgeschoten Amoertijgers

Als gevolg van de lobby door het IFAW werd de boete voor het doden van een Amoertijger in Rusland verhoogd van 2.000 roebel (50 euro) naar 575.000 roebel (15.000 euro). In 2008 verhoogde de Russische Federale Dienst voor Milieucontrole (Rosprirodnadzor) de straffen voor het illegaal doden van tijgers; boetes gingen omhoog van 2.000 roebel (50 euro) naar 575.000 roebel (15.000 euro). Een belangrijke overwinning voor het IFAW, dat had gelobbyd voor strengere straffen en krachtiger wetgeving in de strijd tegen stropers.

In Rusland leven in het wild minder dan 450 Amoertijgers (ook wel Siberische of Ussuritijger genoemd) en niet meer dan 35 Amoerpanters.

Sinds 2010 zijn er in de Russische regio Kraj Primorsky drie rechtszaken geweest rond het doden van tijgers. In één zaak werd de maximale boete van 575.000 roebel, plus nog eens 150.000 roebel opgelegd.

Zaak 1. Doodschieten van een tijger in een strik

De eerste zaak speelde zich af in januari 2010 in het district Krasnoarmeysky van Kraj Primorsky. In die maand doodde een stroper een vrouwtjestijger die vast was komen te zitten in een strik.

In een ongeloofwaardige poging zichzelf vrij te pleiten, probeerde de stroper de rechtbank ervan te overtuigen dat hij de tijger uit noodweer had doodgeschoten. Met verklaringen van drie deskundigen werd bevestigd dat het dier op gewelddadige wijze was gedood en werden de gebeurtenissen gereconstrueerd. Ook werd afgerekend met de getuigenis van de verdachte, die beweerde dat hij geoorloofd een dier van de Rode Lijst van CITES had neergeschoten omdat hij werd aangevallen.

Voor het plegen van een strafbaar feit zoals opgenomen in Deel I, Artikel 258 van het Wetboek van Strafrecht van de Russische Federatie (het illegaal jagen op dieren, het toebrengen van ernstige schade in relatie tot dieren en vogels, waarop volgens de wet niet mag worden gejaagd) legde de rechtbank een boete op van 200.000 roebel (5.000 euro).

Ook wees de rechtbank de schadevergoeding toe die was geëist wegens veroorzaakte ecologische schade. De te betalen vergoeding werd vastgesteld op 575.000 roebel.

De uitspraak van de rechtbank kwam echter pas in maart 2012, twee jaar nadat het strafbare feit had plaatsgevonden. Dit betekende dat de boete opgelegd onder Artikel 258 van het Wetboek van Strafrecht van de Russische Federatie niet hoefde te worden betaald, omdat de verjaringstermijn daarvoor is vastgesteld op één jaar. Wel moest de stroper de boete van 575.000 roebel betalen die was opgelegd conform het Wetboek van Administratieve Rechtsvordering. In het betreffende artikel is namelijk een verjaringstermijn opgenomen van 10 jaar, met ingang van het moment waarop de zaak wordt geopend.

Zaak 2: Maximale boete opgelegd

In juni 2010 schoot een stroper een vrouwelijke Amoertijger dood in de omgeving van het dorp Krunovka.

Hij werd veroordeeld voor het plegen van een strafbaar feit onder Deel I, Artikel 258 van het Wetboek van Strafrecht van de Russische Federatie en kreeg een boete opgelegd van 150.000 roebel ( 3.800 euro). Verder wees de rechtbank de eis tot schadevergoeding toe die door de openbaar aanklager van de stad Ussuriysk namens de Russische Federatie was ingediend. Voor een volledige vergoeding van de toegebrachte ecologische schade moest de veroordeelde stroper een bedrag betalen van 575.125 roebel.

Deze door de vrederechter van de stad Ussuriysk opgelegde staf was de eerste echte straf die sinds 2004 in Kraj Primorsky werd opgelegd aan een stroper wegens het doden van een bedreigde, op de taiga levende diersoort. De boete moest in zijn geheel worden betaald.

Zaak 3. Nog niet opgelost

De derde zaak deed zich in november 2010 voor in het district Khasansky, aan de vooravond van de Tijgertop in Sint-Petersburg.

Joeri Troetnev, de minister van Natuurlijke Rijkdommen en Ecologie van de Russische Federatie, verzocht op 17 november 2010 Rashid Noergaliev, de minister van Binnenlandse Zaken, de dood van een Siberische tijger te onderzoeken.

Volgens de media werd er in november in een wildbeheergebied in het district Khasansky van Kraj Primorsky een Siberische tijger gedood door een stroper. De zaak kwam aan het licht toen een van de jagers die door het dier was verwond, medische hulp zocht.

Volgens de jagers liepen ze ieder in een andere richting toen ze schoten hoorden. Op de plaats waar de schoten vandaan waren gekomen, troffen ze een gewonde collega aan. Hij vertelde dat hij door een tijger was aangevallen en het roofdier tijdens het gevecht had doodgeschoten.

Volgens de jachtinspectiedienst van Primorye ging het om een mannetjestijger, een goed doorvoed en gezond exemplaar, het soort tijger dat in zijn uitstekende conditie zelden mensen zou aanvallen.

Niet ver verwijderd van waar de schoten waren afgevuurd, vonden medewerkers van de jachtinspectiedienst van Primorye een dode Siberische tijger, een mannetje van 4 tot 6 jaar oud. Het dier was gestorven aan schotwonden. Troetnev gaf de Federale Dienst voor Toezicht op Natuurlijke Hulpbronnen opdracht de feiten te onderzoeken.

Hoewel de minister van Binnenlandse Zaken zich persoonlijk met de zaak bemoeide, liep het onderzoek vast. Ik vermoed dat medewerkers van het ministerie van Binnenlandse Zaken het onderzoek bewust vertragen, in afwachting van het verstrijken van de verjaringstermijn.

--AF

Post a comment

Deskundigen

Grace Ge Gabriel, Regiodirecteur Azië
Regiodirecteur Azië
Peter Pueschel, Hoofd Programma’s
Hoofd Internationale Milieuverdragen
Vivek Menon, regiodirecteur Zuid-Azië
Regiodirecteur Zuid-Azië