Amboseli: Stilte voor de storm?

Amboseli: Stilte voor de storm? c. IFAW/E. Wamba.Bruisend van leven

Bij mijn vorige bezoeken aan het Amboseli Park zag ik lang niet zoveel dieren als bij mijn laatste bezoek. De lange regenperioden laten op zich wachten en het park is het enige gebied in het moerasland waar de dieren toegang hebben tot water en voedsel.

Eén ochtend werden we vermaakt door een aantal dartele gnoekalfjes, die zo’n vijf minuten lang, schijnbaar onvermoeibaar, onafgebroken rondjes bleven rennen, terwijl de volwassen dieren onverstoorbaar bleven doorgrazen. De kalfjes deden me denken aan Keniaanse hardlopers, die genoeg uithoudingsvermogen hebben voor een hele marathon en dan nog reserves overhouden voor een laatste eindsprint om een recordtijd neer te zetten.

Verderop, in de omgeving van het Longinye moeras zagen we een troep van acht leeuwinnen in het gras liggen, vlakbij een kudde zenuwachtige zebra’s, die elkaar luid snuivend op de aanwezige roofdieren attendeerden. En we hadden nog meer geluk. We zagen van heel dichtbij nog een andere troep leeuwinnen, die hun dorst lesten bij een waterplas op de weg, voordat ze tussen de palmbomen uit het zicht verdwenen.

Zonnebadende nijlpaarden

Vreemde dingen gebeuren vaak op de meest onverwachte plaatsen. Een goed voorbeeld daarvan zijn de nijlpaarden van Amboseli, die er de voorkeur aan lijken te geven in de brandende zon te liggen, of te grazen op het heetste moment van de dag, terwijl andere dieren hun toevlucht zoeken tot de schaduw, of onderduiken in de moerasgebieden die worden gevoed met ondergronds water afkomstig van de Kilimanjaro.

Onvoorspelbare stofstormen

Op een dag, laat in de middag, begreep ik eindelijk waaraan Amboseli (‘zout stof’ in het Swahili) zijn naam dankt. Terwijl we langs een van de populaire routes reden, ontstond er langzaam een stofwolk aan de horizon. De daarop volgende stofstorm bedekte het Longinye moeras en alle dieren die er leefden en hulde ons al snel in een wolk oeroude vulkanische as, die in al onze poriën drong. We kwamen langzaam tot stilstand, aangezien het zicht minder was dan vijf meter, en keken vol ontzag in stilte toe. Terwijl de ene stofstorm over de vlakten raasde, stak er direct weer een nieuwe op, waardoor we 20 minuten moesten wachten voordat we onze tocht konden vervolgen.

Rond deze tijd van het jaar zijn stofstormen als deze een voorbode van regen – een onmisbaar goed voor zowel mens als dier, waarnaar binnen het ecosysteem van Amboseli reikhalzend wordt uitgekeken.

Eenmaal, andermaal, …

Dit ecosysteem wordt gevormd door het park zelf en zes gemeenschappelijk gerunde groepsranches. Met een omvang van 390km2 is het park op zichzelf niet groot genoeg voor de 1400 olifanten die er leven, laat staan voor alle andere dieren die er ook leven. Als het regent, trekken bijna alle soorten de verspreidingsgebieden binnen en hier liggen de groepsranches die het eigendom zijn van de Masaïgemeenschap.

In de afgelopen vijf jaar zijn de ontwikkeling van het land en veranderingen in landgebruik in deze gemeenschapsgebieden echter in een stroomversnelling geraakt, vooral sinds de hoofdweg naar de grensstand Loitoktok werd voorzien van een nieuwe asfaltlaag.

Neem bijvoorbeeld de Kimana Community Group Ranch, die inmiddels niet langer bestaat. Kimana is opgedeeld in kleinere percelen en op vrijwillige basis (volgens het willing buyer – willing seller model) verkocht aan investeerders. Het wildreservaat bestaat niet meer – waar ooit de afrastering stond, resteren nu alleen nog houten palen. De lodge is verlaten.

In Kimana Town, ooit een verzameling hutten met tinnen daken, is het nu een drukte van belang. De lokale bevolking heeft een gevarieerder karakter gekregen, doordat veel Kenianen naar het gebied zijn getrokken om er een bestaan op te bouwen. Landbouw is een van de belangrijkste activiteiten in het gebied, waarbij de voorkeur ligt op groenten. De oogsten worden verkocht in Nairobi en andere verafgelegen gebieden in het land. Andere investeerders hebben faciliteiten opgezet voor toeristen.

…gered?

Gezien de groeiende bevolking en het statische landgebruik, zoeken steeds meer Kenianen hun heil in vastgoed als investering of om in hun levensonderhoud te voorzien. Helaas heeft men nu het oog laten vallen op de groepsranches rond Amboseli en een aantal vermogende kopers omheint hun aangekochte land, waardoor het ecosysteem nog verder versnipperd raakt. De belangen zijn groot.

Daar komt nog bij dat de Masaïgemeenschap langzaam maar zeker overstapt op een sedentaire levensstijl, in plaats van uitsluitend als herders te leven. Sommige Masaï verkopen hun land om meer vee te kunnen kopen en, als ze geluk hebben, naar andere gebieden te verhuizen. Anderen verpachten hun land simpelweg aan commerciële investeerders die vooruit betalen. Het komt er kort gezegd op neer dat de verspreidingsgebieden voor de dieren van Amboseli over tien jaar wel eens verdwenen zouden kunnen zijn. Of misschien wel sneller.

Bevinden we ons in de stilte voor de storm van niet-verenigbaar landgebruik op de meeste of zelfs alle groepsranches, waardoor uiteindelijk alle dieren zullen worden teruggedrongen tot binnen de grenzen van het park?

Helaas is het niet langer de vraag of het voortbestaan van Amboseli bedreigd wordt, maar eerder wanneer. Het IFAW hoopt deze verandering in landgebruik te kunnen tegenhouden met een aantal corridors die cruciaal zijn voor het voortbestaan van de olifanten. De tijd dringt; steun ons in deze strijd.

- EW

Post a comment

Deskundigen

Céline Sissler-Bienvenu, Directeur Frankrijk en Franstalig Afrika
Directeur Frankrijk en Franstalig Afrika
Olifantendeskundige voor het IFAW
Grace Ge Gabriel, Regiodirecteur Azië
Regiodirecteur Azië
James Isiche, Regiodirecteur Oost-Afrika
Regiodirecteur Oost-Afrika
Regiodirecteur Zuidelijk Afrika / Hoofd Programma Olifanten
Regiodirecteur Zuidelijk Afrika / Hoofd Programma Olifanten
Vivek Menon, regiodirecteur Zuid-Azië
Regiodirecteur Zuid-Azië