Classificatie:
Wetenschappelijke benaming:
Pagophilus groenlandicus (=Phoca groenlandica)
Populatie Wereldwijd
Beschrijving En Natuurlijke Geschiedenis
| Fysieke beschrijving |
Mannetjes- en vrouwtjeszadelrobben zijn ongeveer
1,7 meter lang en wegen rond de 130 kilo. Volwassen mannetjes hebben een
lichtgrijze vacht met een V-vormige zwarte vlek (het "zadel") op de rug. De
zadelvormige vlek loopt van achter de nek langs beide flanken omlaag naar de
achtervinnen. Bij de volwassen dieren heeft ook de kop een zwarte kleur, die
doorloopt tot een grillige lijn net achter de oren en de kin. Pasgeboren pups
wegen ongeveer 10 kilo - ze komen ter wereld met een witte lanugo (zachte,
wollige vacht) en wisselen voordat ze volwassen zijn verschillende malen van
vacht.
| Natuurlijke geschiedenis |
De zadelrob leeft in de Noord-Atlantische Oceaan
en de Noordelijke IJszee, van het noorden van Rusland tot Newfoundland en de
Golf van St. Lawrence, Canada. Er worden drie afzonderlijke populaties
onderscheiden, op basis van de plaats waar ze zich voortplanten: de Witte Zee
voor de Russische kust ('Oostijs'); tussen Jan Mayen en Svalbard ('Westijs'); en
de 'Golf' en 'Front' in de Noordwest-Atlantische Oceaan.
Zadelrobben zijn
sterk op pakijs georiënteerd en leggen in het voorjaar afstanden tot wel 2.500
kilometer af, op weg naar de wateren waar zij in de zomer hun voedsel vinden, om
in de herfst vóór het nieuwe ijs uit weer naar het zuiden terug te keren. Alle
drie de populaties volgen vergelijkbare jaarlijkse migratiepatronen, maar de
periode waarin bepaalde gebeurtenissen plaatsvinden, zoals de geboorte van de
pups, verschilt licht van gebied tot gebied.
Zadelrobben van de
Noordwest-Atlantische populatie krijgen tussen eind februari en half maart één
pup; bij de populatie in de Witte Zee ligt deze periode tussen half februari en
begin maart; en bij de populatie bij Jan Mayen tussen half maart en
april.
Zadelrobben verzamelen zich in grote groepen op het ijs om jongen
te werpen of te ruien. Onderzoek onder de Noordwest-Atlantische populatie heeft
aangetoond dat de gemiddelde leeftijd voor het bereiken van geslachtsrijpheid is
opgelopen van 4,6 jaar begin jaren '80 tot 5,6 jaar eind jaren '90. De dieren
leven voornamelijk in het water en verplaatsen zich soms in grote groepen. Het
dieet van de zadelrob wisselt per leeftijd, seizoen, locatie en jaar. Bij
analyses van de maaginhoud werden tenminste 67 vissoorten en 70 soorten
weekdieren aangetroffen, waaronder noordpoolkabeljauw, lodde, zandspiering en
haring.. | | | | | |
Huidige Status Van De Soort
In 2000 bedroeg de populatie
Noordwest-Atlantische zadelrobben
naar schatting 5,2 miljoen dieren. De
populatie lijkt op dit moment de grens van
zijn voedselbasis te
bereiken en zal mogelijk gaan afnemen als gevolg de
zeehondenjacht die
sinds 1996 weer in omvang toeneemt. In 1994 werden het aantal
nieuw
geboren pups en de omvang van de populatie van het Westijs geschat op
respectievelijk 59.000 en 286.000. Een onderzoek in 1998 in de Witte
Zee toonde
aan dat het aantal nieuw geboren pups rond de 300.000 tot
400.000 lag, hoger dan
eerder werd aangenomen. Deze resultaten komen
overeen met een totale populatie
van ongeveer 1,5 tot 2 miljoen
exemplaren.
Auteur En Bronnen
Anonymous. 2001. Harp seals and sealing in Canada: facts and figures 2001.
International Marine Mammal Association Inc. 21pp.
Hannah, J.L. 2000. Seals of Atlantic Canada and the Northeastern United
States. International Marine Mammal Association. 33pp.
Reijnders, P. S. Brasseur, J. van der Toorn, P. van der Wolf, I. Boyd, J.
Harwood, D. Lavigne and L. Lowry. 1993. Status Survey and Conservation
Action
Plan: seals, fur seals, sea lions, and walrus. IUCN/SSC Seal
Specialist Group.
88pp.
Sjare, B., G.B. Stenson and W.G. Warren. Recent estimates of reproductive
rates for harp seals in the Northwest Atlantic. DFO Canadian Stock
Assessment
Secretariat. Research Document
2000/077.